Pagina's

woensdag 26 september 2012

Federatie binnenstebuiten


Een nieuwe moderator

Nieuwe weekendregeling vieringen


Eind juni namen we met een huldeviering in Passendale dankbaar afscheid van onze moderator-pastoor Lucien Vulsteke. Er werd meteen druk gespeculeerd over zijn opvolging. De Kerk heet al decennia in crisis te zijn – en dat is ook wel zo – maar er leefde hier blijkbaar nog wat. Genoeg voor het bisdom om toch maar op zoek te gaan naar een opvolger voor onze verdienstelijke parochieherder. Aanvankelijk zag het er best goed uit en waren er redelijke vooruitzichten. Iemand scheen interesse te hebben. Geduldig als altijd, nam priester Lucien tijdens de vakantie nog enkele maanden de honneurs waar, in afwachting van het 'verlossende' bericht uit Brugge.

Ondertussen deden allerlei geruchten de ronde in de goegemeente. Namen werden naar voor geschoven. Veel meer dan 'wishfull thinking' was dat niet.

Uiteindelijk zagen we – zoals verwacht – onze jonge hulppriester Mathias Parret vertrekken en bleek de kandidaat-opvolger na een lange bedenktijd niet toe te happen. Omdat het reservoir aan beschikbare priesters-in-functie heel klein is geworden, moest men uiteindelijk de handdoek in de ring werpen. Verder zoeken had niet veel zin meer. Er was al tijd genoeg verloren. We konden de werking niet verder op z'n beloop laten. Dus zullen we maar verder moeten zien te roeien met de riemen die we hebben. En al schept dat een zekere ontgoocheling, de wil, de verantwoordelijkheidszin en het enthousiasme is er. De afgelopen jaren hebben de vrijwilligers, de medewerkers, de priesters, de diaken elkaar stilaan beter leren kennen en waarderen. De koudwatervrees om over de grenzen van de parochies te werken, mag dan geleidelijk verdwenen zijn, toch bleef men in de federale stuurgroep eerder respectvol aan elkaars zijlijnen toekijken, zonder grondig te hervormen. Niet dat het aan visie ontbrak maar het volk moeten nog meewillen ook en dat is met een ouder wordend publiek niet evident. Veranderen is moeilijk en wekt weerstand, zeker op kerkelijk vlak. Niettemin is er op maatschappelijk vlak de laatste vijftig jaar ontzettend veel geëvolueerd en willens nillens aan 'de mensen' opgelegd op vlak van wetgeving en leefgewoonten.

We kunnen er evenwel niet meer onderuit, 'the point of no return' is overschreden. Er moet binnen de kerkelijke objectieven gehandeld worden. Een ervan is dat alleen priesters kunnen voorgaan in de eucharistieviering.
Momenteel zijn er nog twee benoemde pastoors in functie voor vijf parochies: E.H. Geert Roseeuw (42 j.) en E.H. Valeer Cools (82 j.). In theorie zijn zij pastoor in de ganse federatie maar feitelijk wordt priester Geert als nieuwe moderator nu pastoor in Passendale, Zonnebeke, Beselare en Geluveld. Priester Valeer blijft zich natuurlijk ten dienste stellen van de hele federatie maar dat beperkt zich in de praktijk in eerste instantie tot Zandvoorde. Voor priester Geert betekent dat hij in het weekend voorgaat in de eucharistieviering op vier parochies. Rekening houdend met redelijke uren en de tijd om zich veilig te verplaatsen kan hij er vier aan op een weekend.
Natuurlijk hebben we nog onze priesters-op-rust, maar die mogen we niet systematisch inschakelen en dat is maar goed ook. We moeten hun status respecteren en zoals vele gepensioneerden worden zij nog voor alles en wat gesolliciteerd. We zijn hen dankbaar als zij al eens kunnen depanneren als dat nodig is.

Met de federale stuurgroep hebben wij geopteerd in de huidige situatie om in elke parochie één eucharistieviering te laten doorgaan in het weekend. Dat betekent dat ze in Passendale en Zonnebeke van twee op één weekendviering komen. Na lang wikken en wegen en vele scenario's te hebben doorgenomen en getoetst, zijn we om dat mogelijk te maken in het belang van iedereen en op basis van een aantal criteria (geografische ligging, aantal huidige min of meer vaste kerkgangers, aansluitende activiteiten zoals catechese, spreiding van familiemissen, toekomstverwachtingen, beschikbaarheid, de huidige mogelijkheden van de voorgangers...) tot een compromis gekomen. We beseffen dat dat hier en daar tot ongenoegen kan leiden en dat er op het eerste zicht misschien ongerijmdheden in zitten. Maar het werkt, zeker als de kerkgangers ook enige soepelheid opbrengen en de grenzen van de voorgangers respectvol kunnen aanvaarden.

NIEUWE REGELING WEEKENDVIERINGEN

Zaterdag
16.45 u. Sint-Audomaruskerk Passendale
18.15 u. Sint-Margarethakerk Geluveld

Zondag
09.00 u. Sint-Bartholomeuskerk Zandvoorde
09.00 u. Sint-Martinuskerk Beselare
10.30 u. Onze-Lieve-Vrouwkerk Zonnebeke

dinsdag 18 september 2012

Open monumenten


Daar zit muziek in!



Op zondag 9 september vierde Vlaanderen voor de 24ste keer Open Monumentendag. ‘Muziek, woord en beeld’ was de leidraad in het programma. Het werd opnieuw een groot erfgoedfeest met honderdduizenden bezoekers. Talloze lokale organisatoren en vrijwilligers hebben er opnieuw een top-editie van gemaakt! Dat volk ontbrak evenwel
in Zonnebeke. Slechts een 25-tal mensen kwamen opdagen voor een programmatie die overigens wel top was! Een orgel- en hoornconcert in de Onze-Lieve-Vrouwkerk door Tom Hoornaert en Nico Monteyne, een rondleiding in de kerk en de pastorie, o.l.v. Trees Degryse. De Zonnebekenaren hebben altijd al een wat moeilijke verhouding gehad met hun door architect Huib Hoste opgetrokken kerk en pastorie. Eerst een streepje muziek.

ORGEL- EN HOORNCONCERT
De Open Monumentendag stond dus in het teken van 'muziek, woord en beeld'. Waar kan je dan beter terecht dan in een kerk. Daar vind je alles wat je nodig hebt voor zo'n evenement. Het orgel neemt ruimtelijk in veel kerken een prominente plaats in. Wij verbinden het timbre van dit instrument vaak eenzijdig aan de liederen die we tijdens de eucharistie te horen krijgen. Het typische repertorium uit het zangboek 'Zingt Jubilate' dat inhoudelijk naadloos bij de lezingen aansluit. Op het einde van de viering durft de organist dan wel eens uit de bol te gaan, alle registers open te trekken en z'n virtuositeit te etaleren. Zo ook bij een orgelconcert. Dan kan de orgelist ongehinderd het instrument en zichzelf op de voorgrond hijsen. Je staat werkelijk verbaasd wat zo'n mechaniek allemaal vermag, wat voor geluiden het in zijn mars heeft, van vederlicht, luchtig, frivool tot zwaar, dreunend drama. Het orgel van Zonnebeke moet weinig of niet onderdoen voor
andere gerenommeerde orgels. We waren eerlijk gezegd benieuwd hoe een hoorn zich staande zou houden naast zo'n immens speeltuig. Die vrees was voorbarig. Zeg niet zomaar hoorn tegen een moderne hoorn. Z'n voorlopers zijn de posthoorn en de jachthoorn. Dit zijn instrumenten zonder ventielen of kleppen. De hoornist kon alleen met zijn lipspanning de diverse tonen uit het instrument krijgen. Later werd bij de hoorn dezelfde techniek toegepast als bij de trompet. De hoorn werd verder verbeterd met een kleppensysteem en draaiventielen. De hoorn is het meest expressieve en moeilijkst te bespelen koperen blaasinstrument in het orkest. In ieder geval beheersten organist Tom Hoornaert (Tielt) en hoornist Nico Monteyne (Pittem) het samenspel feilloos met werk van ondermeer Saint-Saëns, Bach, Proust, Lemmens, … en Bert Appermont, componist en arrangeur van harmonie en fanfare.




KERK EN PASTORIE


Je zal maar Zonnebekenaar zijn en decennialang moeten aankijken tegen de eerste modernistische kerk van België om ze te leren smaken en waarderen. Zeker als je weet dat ze na de Eerste Wereldoorlog opgetrokken werd in een tijd waar de neo-gotiek hoogtij vierde en bouwkundig synoniem was voor het zuiverste katholicisme. Al wat drie- , vier- of andershoekig was, kon niet anders dan door de duivel geïnspireerd zijn. Dat blijkt ook uit de correspondentie over de bouw van de Kerk te Geluveld, waar de kerkraad resoluut de bouwplannen van architect Huib Hoste verwerpt: “Wij willen geen tweede Zonnebeke, daar wij ten slotte altijden een kerk als vroeger vroegen, te weten gothieksch, en niet willen van een nieuwsoortige bouwtrant beklaagd bij voorbeeld te Zonnebeke en verworpen te Becelaere; en tegen onze eischen in de heer Hosten in zijn laatste plans nog met kubieke façade en kubieke pinnelooze toren voorkomt.”

Dat dat er diep inzat mag verder ook blijken uit het feit dat de toenmalige bisschop G. Waffelaert de kerk weigerde in te wijden wegens 'onwaardig'. Dat gebeurde pas eind de jaren veertig door z'n opvolgerH. Lamiroy.

De Onze-Lieve-Vrouwekerk is opgetrokken in baksteen, met gebruik van beton voor onder meer de dakconstructie. Omwille van de stabiliteit diende de betonnen overspanning versterkt te worden met visueel storende ijzeren trekkers. De interieurdecoratie werd ook ontworpen door Huib Hoste, in samenwerking met de Brugse kunstenaar Jules Fonteyne. Het koor met het altaar is zo geplaatst, dat het vanaf elke plaats goed zichtbaar is en steekt vol symbolische verwijzingen naar de Drieëenheid van God. Later heeft de pastoor Lammens het meeste laten weghalen, behalve het calvariekruis en het altaar. Hij plaatste meubels die volledig vreemd waren aan Hostes stijl. De pastoor weigerde ook om gelijkaardige redenen halsstarrig de eveneens door dezelfde architect opgetrokken pastorie te betrekken.

Enkele jaren na de bouw van de pastorie werd zelfs een zadeldak toegevoegd, dat afbreuk deed aan het oorspronkelijke opzet van het gebouw. Recent werd dit zadeldak echter weer verwijderd. Momenteel wordt de voormalige pastorie verder gerestaureerd. Na de restauratie zal het gebouw onderdak bieden aan het documentatiecentrum van het Passchendaele Memorial Museum en de Zonnebeekse Heemkring.
In 1994 werd de kerk beschermd als monument. Samen met de pastorie en de 'Zonnebeke Church Dugout' vormt de kerk ook een beschermd dorpsgezicht.

Trees Degryse, die liefdevol en daarom ook kritisch over 'haar' kerk durft te spreken, vertelt het allemaal vol gloed en doorspekt met nog heel wat anecdotes vol. Op het einde maakte een van de toehoorders Hilde Hoste zich bekend als kleindochter van de onfortuinlijke, beproefde en veel geplaagde architect, die nu tot een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de moderne architectuur in Vlaanderen wordt gerekend. Ze heeft het met stijgende ontroering aanhoort.





woensdag 12 september 2012

Oriëntatiefeest


Een andere kijk op geloven


Elk jaar begin september wordt het nieuwe werkjaar in het bisdom ingezet met een oriëntatiefeest. Alles staat er in het teken van het nieuwe jaarthema. Het begon al aan de deur van de decanale Sint-Pieterskerk in Torhout. Kerk&leven-propagandist René Luyten had er een kraam neergepoot en verwelkomde de vele bezoekers in je reinste marktkramersstijl. Voor iedereen drie wortels (karoten) vakkundig gewikkeld in een gazettepapiertje van Kerk&Leven, of wat had je gedacht. Wortels zijn niet alleen goed voor konijnen en ezels maar ook vitamientjes voor christenen die hun kijk op hun geloof willen aanscherpen. Het werd een heerlijke avond speels, divers, met mime, poëtische berichten, fel gesmaakte cursiefjes, zang, gebed en een aantal pakkende getuigenissen … in een decor vol spiegels.

De heilige Clara
schreef aan Agnes, prinses van Praag en claris:
“Christus is de afstraling van de eeuwige glorie,
de helderheid van het eeuwig licht en een spiegel zonder smet.Kijk iedere dag in deze spiegel en spiegel daarin voortdurend je gelaat
om zo jezelf geheel, innerlijk en uiterlijk, mooi te maken.”

Voor Clara is het zich spiegelen aan Christus geen vluchtige bezigheid. Het gaat om een diepgaand en zorgvuldig kijken. Het is een kijken naar de binnen- en buitenkant. Het is een eerlijk kijken naar zichzelf, een kijken waardoor men zich laat raken en omvormen. Verder in de brief staat te lezen wat Clara in de spiegel ziet. Ze herkent er de aardse Jezus in al zijn armoede en deemoed. Ze ziet een Jezus die bewogen wordt door liefde. In dit Christusbeeld, arm, deemoedig en liefdevol, herkent ze haar eigen menselijk bestaan en het bestaan van elke mens. Ons innerlijk en uiterlijk mooi maken is durven zijn wie we zijn: broos en kwetsbaar. In die levenshouding mogen we ons als een bloem openen voor God en worden we met zijn overvloedige barmhartigheid vervuld. Dan hoeven we niet te presteren of onszelf te bewijzen. Alles wordt ons geschonken. Wanneer we zo leven, stemmen binnen- en buitenkant overeen. Dan zijn we authentiek. Dan leven we in eenvoud.
(Commentaar van zuster Martine Van de Walle, claris)

“Als ik Christen ben, wat verandert dit dan in mijn leven?”


Cedric en Pieter

twee jongeren uit Heuvelland, beiden studenten aan de unief, in de positieve wetenschappen nog wel, gaven op een ontwapenende manier een kijk in hun christen-zijn. Geloven is bij de jongeren over het algemeen 'not-done', genant zelfs. Toch is het sterker dan hun zelf. God brandt en doet hen rondom vuren ontsteken. Beiden zijn ze animator in Rivo Torto, de Heuvellandse jongerenwerking met franciscaanse wortels. Daar maken ze mee dat geloof het verschil kan maken door het gewoon met elkaar onbevangen te beleven, daar zien ze leeftijdsgenoten geheel openbloeien, oprecht gelukkiger worden en vreugde vinden, kracht vinden in het geloof om positieve levenskeuzes te maken. Ze zijn enorm dankbaar zijn dat ze 'kunnen' geloven.



Bisschop Jozef De Kesel

stelt in zijn confidentiële getuigenis dat voornoemde vraag veel belangrijker dan elke mogelijke herstructurering of hervorming in de Kerk.
“Je Geloven, je band met God, met Jezus onder woorden willen krijgen is iets moeilijks.Het laat zich niet zomaar verwoorden. Het is als water dat door je vingers glipt, als het liefdesverhaal van geliefden. Als je ‘t mij vraagt, als bisschop, dan is het gevaar ook groot dat je aanstonds in clichés vervalt, in wat ik wel zal 'moeten' zeggen volgens de doctrine van de Kerk. Maar leven als Christen is zoveel groter en rijker dan doctrine, dan moraal, zelfs dan waardenbeleving of zingeving.”

Gebed is voor hem het eerste. Daar begint het mee al van in de vroege morgen. Met het gebed verbonden, is er de Schrift. Zonder woorden is er geen ontmoeting. Hij leest graag en van alles... maar daar eerst is er de Schrift, het Oude en Nieuwe Testament in elkaars perspectief. Christen-zijn is verder gewoon omgaan met de dingen, actualiteiten meebeleven, alles wat mensen aangaat, de samenleving in crisis. Het is niet zo dat het Christendom zonder meer samenvalt met spiritualiteit alleen en zingevingsvragen. De Christen is niet zozeer (valt niet samen met) een 'homo religiosus', is geen doener van een religieuze bezigheden .Het gaat bij hem over het (gehele) leven: aarde en hemel, hoop op eeuwig leven is trouw aan het leven, hier en nu. Dat noemen we de Menswording, alles wat met mensen en hun geluk van doen heeft. Hij citeert daarbij de door de nazi's omgebrachte Dietrich Bonhoeffer, die de 'aards-heid van het Evangelie, de 'aards-heid van het Christendom’ beklemtoont. Dus alles wat des mensen is.

Tenslotte bevestigde de bisschop Cedric en Pieter in hun ervaring dat het vooral de dankbaarheid is die z'n leven als christen tekent: 'Iemand' te kunnen danken. Franciscus en Clara van Assisi zijn hier reeds vernoemd. Toen deze laatste stervende was – zij, die een hard leven, hard kloosterleven ook had gehad – zei ze: “Ik ben Je (God) zo dankbaar dat ik leven mocht.” Er is ook nog de vergevingsgezindheid – even verwijzend naar de heisa rond Michelle Martin. We weten hoe moeilijk dat is en vergeving mag niet goedkoop zijn. Maar ze leert je mild te zijn. Tenslotte is er voor hem nog de eenvoud zoals ook Franciscus ze ook voorstond.”

Onmiddellijk na dit bisschopswoordje opende het Poperingse Jongerenkoor Klimdraad het avondgebed met een fris refrein:

“Als ik naar jouw woorden luister, als ik naar jouw handen kijk, hoor en zie ik nieuwe dingen, stukjes van Gods Koninkrijk.”