Pagina's

Posts tonen met het label Het Onzevader. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Het Onzevader. Alle posts tonen

zondag 11 september 2016

Het Onzevader

Het gebed van de christen


Vanaf 27 november, de eerste zondag van de advent, het begin van het nieuwe kerkelijke jaar, bidden we in Nederland en België, een nieuwe versie van het Onzevader. Om dat wat te faciliteren koos het Bisdom Brugge om rondom dit gebed het nieuwe jaarthema te spinnen. Het gaat dan ook niet alleen om de veranderde tekst, maar ook om houdingen rond bidden en het verder werken aan een gebedscultuur. Het is niet evident om van de oude vertrouwde versie van het Onzevader over te gaan naar de nieuwe vertaling. En het gaat daarbij niet alleen om taalkundige aanpassingen, maar ook inhoudelijke.

Dit is de nieuwe versie van het Onzevader:

Onze Vader, die in de hemel zijt,
uw naam worde geheiligd,
uw rijk kome,
uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren,
en breng ons niet in beproeving
maar verlos ons van het kwade.
Amen.

Om deze tekst vlot ingang te laten vinden, wordt er onder de gelovigen in de kerken en instellingen een mooie kaart uitgegeven met de tekst erop en de zangversie met de muziek erbij. Er werd ook een nieuwe toonzetting gecomponeerd voor het gezongen Onzevader. Je kan die hieronder beluisteren en bekijken.



Het Onzevader is en blijft inhoudelijk een onschatbare inspiratiebron. Het is eigenlijk een ‘korte samenvatting van heel het evangelie' (Tertullianus). In het Nieuwe Testament vinden we het gebed in twee versies: een kortere in het Lucasevangelie (Lc 11,2-4) en een langere in het Matteüsevangelie (Mt 6,9-13). De opbouw van het Onzevader is helder. Na de aanspreektitel vinden we twee gedeelten. Eerst krijgen we drie uw-beden die op God zelf gericht zijn. Het tweede gedeelte bevat een aantal beden die op 'ons' gericht zijn. Marc Steen neemt ons nu mee in het gebed zelf.

‘Onze Vader die in de hemel zijt’.
Zo mogen we God aanspreken. We zijn kind aan huis bij Hem. Zoals Jezus mogen we God 'Abba, Vader' noemen. In de evangeliën neemt Jezus maar liefst 170 maal het woordje 'Vader' in de mond om tot en over God te spreken. Waar het hart van vol is, loopt de mond van over! We mogen aannemen dat Jezus God heel eenvoudig en vrijmoedig aansprak in zijn moedertaal met het Aramese woordje 'Abba', wat 'vake', 'pa' of 'pappie' betekent. Hierin klinkt een enorme intimiteit en een gedurfd, familiaal vertrouwen door, maar tegelijk ook een grenzeloze eerbied. Jezus is de unieke Openbaarder en Icoon van God Vader, die tegelijk als een vader en moeder is. In woord en daad openbaart Hij Hem als een Vader die geborgenheid schenkt en ons tevens uitdaagt tot ge-hoor- zaamheid aan zijn levenswet van radicale liefde. Jezus leert ons God aan te spreken als onze Vader. God is geen Vader voor mij alleen, maar de Vader van alle mensen. Het gebed des Heren is een familiegebed, een gebed in het meervoud dat je verbindt met veel anderen.

‘Die in de hemel zijt’
duidt erop dat de nabije God toch ook steeds de Andere is, ongrijpbaar als de wolken. Het woordje 'hemel' heeft ook iets overkoepelend. God Vader is Degene die alles en allen omvat en overspant, als een regenboog van zorg.

In de uw-beden vragen we dat God zou mogen doorbreken in onze wereld, in ons leven. 
De focus ligt dus op God zelf.

‘Uw Naam worde geheiligd’.
In de Bijbel is een naam nooit zomaar een woord. Je naam, dat ben je zelf. Deze bede is allereerst een vraag aan Gods adres: 'God, wees zoals je Naam het zegt; kom voor de dag zoals Jij heet en bent; maak waar dat Jij bevrijdende aanwezigheid bent, een algoede Vader!' Toch houdt die bede ook een opdracht in. Gods Naam heiligen betekent dat je Gods Naam niet mag misbruiken en niet mag doodzwijgen. Evenzeer is het een oproep om op een positieve manier zijn Naam en dus zijn werkelijkheid te waarderen en hoog te houden. Dat kunnen we doen als we Hem met eerbied gedenken, zoals in de liturgie, en door een levenswandel die iets laat doorschemeren van wie Hij is.

‘Uw Rijk kome’.
Deze bede houdt een groot verlangen in: 'Mocht jouw Rijk toch komen, God. Dat Jij Heer en Koning mag zijn!' Gods Rijk heeft niets te maken met een bepaald land of territorium. Het gaat om ‘God in actie’, zijn koningschap, zijn bevrijdende heerschappij. We vragen dat God zijn goede invloed zou laten gelden. Het koninkrijk van God kunnen we niet zelf bewerken. Het is zijn geschenk. Tegelijk is het een opgave. Gods droom ligt mee in onze handen.

‘Uw wil geschiede op aarde als in de hemel’.
Deze wens is een variant van de twee vorige: dat God zijn goede bedoelingen, zijn heilsplan met ons en zijn schepping, werkelijkheid mag laten worden! Gods wil moet echter niet zomaar worden ondergaan, maar veeleer worden gedaan! In de hemel klinkt reeds een volmondig ja aan Gods liefde. De aarde moet nog volgen.

‘Geef ons heden ons dagelijks brood’.
Die vierde bede geeft een wending aan het Onzevader. Vanaf nu richten we onze aandacht vooral op de aarde en onze menselijke noden. Als we de broodbede met een wereldwijde blik bidden, vragen we God dat ieder mens zou vinden wat hij of zij broodnodig heeft: voedsel en drank, kledij, een dak boven het hoofd, maar ook respect, liefde en waardering. We kunnen deze bede maar eerlijk uitspreken, als we bereid zijn tot delen met anderen.

‘En vergeef ons onze schulden zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren’.
Hier vragen we God om zijn vergeving. Ook dat is broodnodig, want we schieten vaak tekort in de liefde. Gods barmhartigheid is diep als de zee. Wel kunnen we pas eerlijk om Gods vergeving bidden als we bereid zijn om elkaars schulden te vergeven.

‘En breng ons niet in beproeving, maar verlos ons van het kwade’.
De laatste twee beden horen samen. ‘Beproeving’ is meer bijbels dan ‘bekoring’. Het duidt op die gevarenzones in ons leven waardoor we Gods hand dreigen los te laten en van Hem te vervreemden. We vragen dan aan God dat we niet in zo'n situaties zouden komen en dat we nooit zouden afhaken en ontrouw worden aan Hem. De neiging om af te haken en God en anderen de rug toe te keren, kan groot worden. De zuigkracht van het kwaad is verduiveld groot, zowel rondom ons als in ons. We kunnen onszelf niet redden. We hebben Gods verlossende kracht nodig.

Wie het Onzevader authentiek bidt en beleeft, zal meer en meer gaan leven op de golflengte van Jezus en zijn evangelie.