Pagina's

Posts tonen met het label Jaarthema. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jaarthema. Alle posts tonen

vrijdag 22 september 2017

Mijn vreugde is ook jouw vreugde


Op het Oriëntatiefeest van dinsdag 5 september in Centrum Groenhove in Torhout draaide alles rond het nieuwe jaarthema. Fout: ‘De grondtoon’ van het nieuwe werkjaar ‘Vreugdevol gestemd’. Een gevarieerd programma met getuigenissen en passende liederen. Opmerkelijk was daar de bijdrage van Patricia Adriaens, gedelegeerd bestuurder van Fribona nv, een bedrijf uit Oostkamp dat diepvriesvoeding produceert. Daarnaast zet ze zich in als vrijwilliger in tal van organisaties. Een voorbeeld van hoe ondernemerszin, geloof, blijheid en een groot hart voor mensen kunnen samengaan.

Nochtans – grapt ze – was ik tijdens het laatste jaar humaniora gezakt voor het vak godsdienst. En zie, nu sta ik hier zovele jaren later voor een volle zaal te getuigen over wat geloof met me doet. Het kan verkeren. Tijdens het verlof kreeg ik van ‘Welzijnsschakel Open Balie’ op de Sint-Donatianusparochie in Brugge, de kans om maaltijden te voorzien voor kansarmen. Een deugddoend en hartverwarmend gebeuren. En waar mensen elkaar ontmoeten wordt er verteld over het leven, hun dromen en hun ongemakken. Mensen worden geraakt door zulke verhalen, niet door statistieken en cijfers. Ook Jezus verkondigde op die manier zijn Blijde Boodschap, die toen vooral verder gedragen werd door mond-aan-mondreclame. Dat werkt aanstekelijk. Die vele prachtige verhalen uit de Bijbel zijn nog altijd brandend actueel. Een positieve boodschap doet mensen nog altijd openbloeien, geeft kansen en inspireert. Maar durven we daarmee nog naar buiten komen?

Geloof is maatschappelijk relevant
In ieder geval is geloof geen product dat je zomaar met beproefde reclametechnieken in de markt kan zetten. Het is bovendien eerzaam in alle bescheidenheid te blijven werken maar we mogen toch niet bang zijn om als gelovigen meer op de voorgrond te treden. De Blijde Boodschap moet terug een hot item worden waarover mensen durven praten en discussiëren, focussen op de essentie zelf.

Zo ben ik lid van Logia, een christelijk geïnspireerd impulsforum. We proberen media-aandacht te krijgen en dat lukt ook aardig. Met artikels als ‘Er is geen plaats in de herberg’ over de problematiek van vluchtelingen, of ‘Niet op de blaren blijven zitten’ over een tweede kans geven na een falen, wat maatschappelijk moeilijker ligt.

De christelijke inspiratie trekt diepe sporen, zelfs tot in het bedrijfsleven toe. Daar zijn veel regels waar ja aan gehouden bent. Maar die regels laten nog genoeg ruimte. De manier bijvoorbeeld waarop je met mensen omgaat. Een luisterend oor hebben, loont ook. Niettegenstaande ik in de diepvriesbranche werk, proberen we toch een warm hart te hebben voor onze mensen. De mensen voelen aan als je ze respecteert, wat hun taak ook is in het bedrijf en ze appreciëren dat dan ook. Dit alles overstijgt en vermenselijkt het bedrijfsleven. Het christendom is de godsdienst van de menswording. God is mensgeworden. Nu wij nog!

De barmhartige Samaritaan
Het Christendom is ook een religie van gemeenschap, het samenbrengen en verbinden. Het verhaal van ‘de barmhartige Samaritaan’ vind ik prachtig. Je met hart en ziel inzetten voor de andere, zonder dat je er zelf noodzakelijk bij wint. Dat is pas bevrijdend. Dat is ook de kern van het evangelie, een boodschap zonder al te veel franjes. 

Wie dat goed begrepen heeft is Paus Franciscus. Hij keert ook terug naar de essentie door zelf het goede voorbeeld te geven. Hij bezoekt gevangenen, onthaalt vluchtelingen en omhelst iedereen. Net zoals Jezus met de melaatse deed. 

Z’n soberheid leert ons verder dat echt geluk niet te vinden is in materiële zaken of in geld. Rust vinden, in het besef dat je tevreden kan zijn met wat je hebt. Dat maakt een mens pas echt gelukkig. Al gaat deze uitspraak niet op voor mensen in armoede. Feit is dat wie het goed heeft, steeds meer wil, zelfs ten koste van de armen. Het is nooit genoeg!

Zelf vind ik in die zin vrijwilligerswerk heel belangrijk. Diepe vreugde is te vinden in belangeloze inzet. Dat zie je ook bij paus Franciscus of bij bisschop Lode. Ze stralen dat geluk ook fysiek uit. Ook hier is iedereen vreugdevol gestemd. Ver weg van de vele excuses die wij mensen vaak vinden om toch maar niets te doen. Die brengen alleen maar verlamming en negativiteit.

De barmhartige Samaritaan brengt me bij mijn engagement als voorzitter van de raad van bestuur van Dienstencentrum GID(t)S. Een groep die 4 vzw’s overkoepelt en verbindt: het Instituut Dominiek Savio, die onderwijs en zorg biedt voor mensen met een neuro-motorische handicap, Mariasteen en Molendries, twee maatwerkbedrijven en Jobcentrum die mensen met een arbeidshandicap begeleid naar werk. Het is een engagement waar veel tijd in gaat maar wat ik heel graag doe. De energie die ik erin steek, haal ik er dubbel en dik weer uit. ‘t Is een hele fijne raad van bestuur maar vooral de mensen voor wie wij het doen zijn fantastisch.


Ronde rollen door Vlaanderen
Enkele bewoners bijvoorbeeld organiseren om de twee jaar een ‘Ronde rollen door Vlaanderen’. Dit jaar hebben ze de frontlinie afgereden. Zo maakten ze ook de Last Post mee onder de Menenpoort in Ieper. Ze hebben er twee kransen neergelegd, een zeer emotioneel moment. Telkens probeerden we met hen mee te fietsen. Soms vragen ze me: waarom doe je daaraan mee? Wat heb je daar nu aan als bedrijfsleider? Maar ik ervaar zo’n activiteit nooit als te min. Ik vind het zelfs een eer en een verrijking om te mogen meefietsen. Ik sta telkens versteld van de wilskracht en het doorzettingsvermogen van de rollers.

Ook met het personeel van Fribona hebben we dit jaar een inleefuitstap georganiseerd naar Gits. Iedereen was onder de indruk. Het was een wereld dat ze niet kenden en ze stonden verbaasd over wat daar allemaal gebeurde. Na het bezoek vertelde me iemand dat al die positiviteit tot nederigheid bewoog. Hier leer je pas echt relativeren. Onmiddellijk na het bezoek sloegen ze de handen in elkaar om een steunactie te organiseren. Ook een van mijn vroegere personeelsleden was geïnspireerd door hun verhaal en doet nu veel vrijwilligerswerk voor hen. Mijn vreugde die ik met hem deelde is nu ook zijn vreugde. Een voorbeeld van hoe een engagement aanstekelijk kan werken.

Stilstaan bij de bron
Ik geloof ten volle te werken vanuit de bijbels-christelijke inspiratiebronnen. Maar hoe ga je daar in je eigen organisatie, werk of omgeving mee om? Hoever ga je daarin? Als voorzitter van het Dominiek Savio-instituut bezoek ik vaak gelijksoortige instellingen om te zien wat we van elkaar kunnen leren. Telkens komt ook die vraag aan bod. Dikwijls is het dan muisstil aan de overkant van de tafel of komt de reactie dat het in hun opdrachtsverklaring staat. Maar als je verder gaat, hoe je er dagelijks mee omgaat en hoe ze dat levendig houden, blijft het antwoord uit. Vele organisaties kampen ermee, krampachtig, weten niet hoe ze het moeten aanpakken. Wie hier verder in wil gaan dan het strikte minimum zal onvermijdelijk zijn geesteskracht moeten aanboren en inbedden in een kader van waarden en zingeving. Inspiratie komt niet uit wetten, regels of structuren maar uit de bezieling zelf en de warmte ervan. De gelovige zal daarbij hulp zoeken bij God.

Maar niet alleen in de gehandicaptensector staan we daar bij stil. Ook in het parochieleven, het vrijwilligerswerk hebben we nood aan dialoog rond wat ons inspireert. We mogen daar niet van weglopen. We mogen ons niet wegstoppen achter het vele praktische werk in de parochie. Staan we er voldoende bij stil. Organiseren we wel eens voor alle geïnteresseerde parochianen een denkdag over onze verwachtingen? Wat willen we en hoe willen we dat vormgeven? Hoe geraken we er?


De Schrift als GPS
De Schrift is onze gps naar onze eindbestemming ‘het er zijn voor de ander’. Waarden zijn wegen er naartoe. De regels geven enkel de ondergrens aan. We hebben nood aan een goed navigatiesysteem. Een die je doel in het geheugen houdt een weg waar de mens steeds primeert. Een plaats waar mensen om mensen bekommerd zijn.

In het Dienstencentrum Gid(t)s leeft het nog sterk. Deze inspiratie zit verankerd in al wat ze doen. De kern van deze boodschap hebben ze op de muur geschilderd. Deze boodschap luidt als volgt: “Als je wat je kunt mag doen, en er iets mee in beweging brengt dat zinvol is, dan ga je in jezelf geloven, meetellen in de groep, en je gedragen voelen.” Dat is iets die zowel voor de leerlingen, de bewoners, de mensen die er werken en voor ons allemaal geldt. Het doet ook wel eens deugd in Gits te zien dat het allemaal mensen met een warm hart zijn die zich zo inzetten. Het appel om er te zijn voor een ander. Het geloof om zich in te zetten met respect voor elkaar en met het beklemtonen om steeds het sterkste van de bewoners en leerlingen naar boven te halen, blijft voor ons allemaal een drijfveer.

Geloof geeft vreugde. Maar opnieuw, hoe kan je dat nu verder concreet maken? Geloof beleef ik impliciet in alles wat ik doe, maar ik expliciteer het nog onvoldoende. Ik ben ervan overtuigd dat mensen die geloven over het algemeen gelukkiger zijn en positiever in het leven staan. Het geloof is voor mij een houvast en dat geeft iedereen in feite nodig. Tegenwoordig zijn vele mensen zoekende. Hebben geen houvast meer. Ze voelen zich niet goed meer in hun vel en zijn ongelukkig en eenzaam.

Ook een wrak heeft nog kwaliteiten
In mijn geloof hecht ik veel belang aan vergevingsgezindheid. Je mag fouten maken, dingen proberen, fouten geven ook kans om te verbeteren. Iedereen maakt wel eens een fout. Wijs iemand op die fout maar dat is nog geen reden om iemand uit te schelden of te ontslaan. Het is de bedoeling dat we uit onze fouten leren en vol vertrouwen verder gaan. Er is zo al een zekere tolerantie nodig. Ik probeer altijd het goede in de mens te zien. Misschien klinkt dat wat naïef maar door zo te handelen geef je vertrouwen en kracht, voelt iemand zich gedragen.
Medewerkers mogen fouten maken, als ze er maar voor open staan en er voor uitkomen. Ik heb daarom een enorm probleem met het paraplusysteem dat op vandaag schering en inslag is. We moeten mensen een tweede kans geven. Ook al is dat maatschappelijk steeds minder evident. Het komt erop aan na te denken over haalbare alternatieven, om samen nieuwe kansen te scheppen. Hierbij denk ik o.a. aan de situatie van gedetineerden en gefailleerden.


Zo heb ik een project lopen in de gevangenis, nl. ‘Tralies uit de weg’, een heel verrijkend traject. Met een zestal externen gaan we in wederzijds respect in gesprek met evenveel gedetineerden. Het was een wereld die openging voor mij en die ik niet kende. Ze worden door de buitenwereld echt aanzien als uitschot. Veelal zeggen ze, ze moeten het maar weten, ze hebben het zelf gezocht. Dikwijls zijn ze naar mijn mening op een verkeerd moment op een verkeerde plaats in hun leven ergens beland en hebben ze de pedalen verloren. Ook voor die mensen deed het echt deugd dat toch iemand luisterde naar hun verhalen, naar hun twijfel.

We mogen gevangenen en verslaafden nooit herleiden tot hun misdaad. Iemand vertelde me dat de mens als een autokerkhof is. “Ik voel me als een wrak. Ik ben niets meer”. Een begeleider antwoordde daar schitterend op. Aan elk wrak is er nog iets dat deugt. Kijk dan ook eens bij jezelf wat er dan nog goed is. Een gouden tip. Tegen iemand die een diefstal pleegde zeggen we “je hebt gestolen maar je bent daarom nog niet voor eens en altijd een dief”. Je bent veel meer in mijn ogen en zeker in die van God.

Ieder van ons heeft een barst
Maar het zijn precies die onvolmaaktheden die de samenleving ook zo boeiend maken. We moeten gewoonweg proberen telkens weer het goede in de ander te ontdekken. Als rechter in handelszaken kom ik ook regelmatig in contact met gefailleerden. Dat zijn vaak schrijnende verhalen. Zeker mensen met een persoonlijk faillissement achter de rug voelen zich enorm gefaald. Het is dan ook niet leuk om op zo'n moment te moeten zeggen dat al hun hebben en houden wordt afgenomen. Maar ook dat moment is van uitermate groot belang om te naar hen te luisteren. En het doet deugd ook daar een steen toe bij te dragen. Hen moed in te spreken en hen opnieuw op het juiste pad te zetten. Het is immers zeer belangrijk dat ze snel terug de draad kunnen opnemen. Werk zoeken en onmiddellijk opnieuw kunnen meedraaien in de maatschappij. Gefailleerden krijgen net als gedetineerden een stempel opgedrukt en daarom is het belangrijk dat ze daar snel over heen gaan.


Voedsel voor onderweg.
Waar haal ik het? Het komt niet zomaar uit de lucht gevallen. Hiervoor is zelfzorg nodig. Uit het evangelie dat ik telkens in de zondagsviering mag beluisteren. Uit de bijeenkomsten met de denktank Logia, bij Muurkranten die telkens prachtige kaartjes uitgeven. Ik deel graag in de vreugde met mijn vrienden. Ik probeer heel attent te zijn. Ook als iemand het eens wat moeilijker heeft, stuur ik een kaartje met een sterke tekst.

Daarnaast ga ik ook tweemaal per jaar op abdijweekend. De stilte gaan opzoeken. Het constant geconnecteerd zijn is een verslaving geworden. Dat besef ik meer dan gelijk wie. De stilte heeft iets heiligs. Het is de weg naar het essentiële. Naar het waarom dat we leven. Voor wie en waarvoor wij het toch allemaal doen. Niets goeds of groots wordt geboren in het lawaai, in de storm, tenzij wat negatief is, agressie, geweld en oorlog.

De stilte is de weg naar het evenwicht, naar de kern van alle dingen, dat stil en eindeloos is. Want zonder eens stil te staan, zonder bezinning is er er weinig ruimte voor creativiteit om energie bij te tanken. Ik heb een druk leven maar toch zo boeiend.

Wat je geeft krijg je terug
Geven is niet zozeer een kwestie van tijd hebben maar van aandacht schenken en kiezen voor wat echt telt. Ik ben iemand die gemakkelijk iets geeft. Dat maakt me ook gelukkig. Geven met liefde is zoals leren fietsen Eenmaal je het onder de knie hebt, verleer je het niet meer, maar het verandert je leven en dat van anderen. Wat je geeft krijg je terug, vaak onverwacht en onrechtstreeks. Uiteindelijk haal je diepe tevredenheid alleen uit situaties waar je iets gegeven hebt. Nooit als je genomen hebt. Mijn omgeving zegt wel eens dat ik teveel doe voor een ander en te weinig aan mezelf denk. Maar ik voel het niet zo aan. Ik zit beter in mijn vel als ik iets voor anderen kan betekenen. En is dat niet voor iedereen zo? 

donderdag 14 september 2017

Vreugdevol gestemd


Op het Oriëntatiefeest van dinsdag 5 september in Centrum Groenhove in Torhout draaide alles rond het nieuwe jaarthema. Fout: ‘De grondtoon’ van het nieuwe werkjaar ‘Vreugdevol gestemd’. Een gevarieerd programma met getuigenissen en passende liederen. En ja er is verdriet om wat mislukte, angst om wat komen zal, woede bij een conflict, verwondering bij een onverwachte gebeurtenis. Toch staat de lach centraal, minzaam of schaterend, van mensen die zich geworteld weten in het geloof, die zich gedragen en bemind voelen in hun geloof, door God. Mensen die vanuit die vreugde anderen gaan helpen, inspireren, dragen en beminnen.

De affiche (foto) is geïnspireerd op de decanale bezoeken van bisschop Lode. Hij ontmoette al veel mensen die vol passie en vuur praten over al die mooie dingen die ze verwezenlijken, elke dag opnieuw … van Godly Play tot het helpen van mensen in nood, van het ondersteunen van ouderen, het op weg gaan met kinderen, jongeren en jonge gezinnen. Overal wordt hij hartelijk ontvangen en ze nemen hem mee in hun enthousiasme en tonen vol trots hun kerkewerk.


Bisschop Lode kan het alleen maar beamen:
“De kern van ons geloof heeft met een eenvoudige grondtoon te maken. Het is niets voor niets een blijde boodschap. Het heeft met vreugde te maken. En die komt niet alleen van onszelf. Die vreugde heeft een bron. En dat is een Persoon. Iemand die met al zijn liefde en kracht werkelijk om ons geeft en ons nooit in de steek laat. Een energie die door elkeen - gelovig of niet - kan ontdekt worden. Wie er voor open staat laat Jezus door zich heen naar anderen toe werken. Ze mogen ontvangen is een groot voorrecht.

Toch wil hij ons waarschuwen en behoeden voor ontmoediging.
“Maar we kunnen die vreugde echter verliezen door ons teveel zorgen te maken, in een pastoraal van activisme om toch maar vast te houden aan wat eerder goed was, maar nu voorbij is.”

Gespreksbrief
Hij publiceerde daarover ook een gespreksbrief waarin in een eerste deel de roeping en de zending van de Kerk waaraan wij de komende jaren onze beste krachten willen geven, geschetst wordt. In een tweede deel worden beleidsoriëntaties genoemd die deze roeping en zending ondersteunen en mogelijk maken. Hierbij een uittreksel.

In elke mens leeft het verlangen om gezien en bemind te worden. Als christenen geloven wij dat er een onuitsprekelijke Liefde bestaat die ons aanvaardt zoals we zijn. Jezus kijkt iedereen liefdevol aan (Mc 10, 21). We zijn allemaal, zonder onderscheid, kostbaar in Gods ogen (Jes 43, 4). God vraagt niet dat we ons interessant maken of meer doen dan we kunnen. Hij vraagt om het leven dat Hij geeft – en wel in overvloed (Joh 10, 10) – te ontvangen en te delen. Gods liefde beleven om leven te geven aan anderen, dat is onze roeping.

Die roeping willen we waarmaken in deze tijd, met de mensen en de middelen die we hebben. Niemand is geroepen tot het onmogelijke. Het komt erop aan om, eenvoudig en ontspannen, de vreugde van het evangelie uit te stralen. Dat kan de harten raken van mensen die zoeken naar God, naar verstilling en vriendschap. Het vraagt ook dat we naar buiten treden, contact zoeken met andersgelovigen en met hen die God en de Kerk niet kennen, dat we solidair zijn met mensen in nood en samenwerken met alle mensen van goede wil.

Onze belangrijkste opdracht is Gods liefde tastbaar en concreet te maken in en door levendige geloofsgemeenschappen, in pastorale eenheden – waar we blijven op inzetten –, in kloosters of abdijen, in religieuze gemeenschappen, nieuwe bewegingen of bedevaartsoorden. In een levendige geloofsgemeenschap kan iedereen die als christen wil leven, putten uit de bronnen van het geloof.

Wie er komt, vindt er mensen bijeen rond Jezus Christus, een mooie levensstijl (1 Pe, 2, 11) en een bezielde gemeenschap: hartelijk en gastvrij. Die gemeenschap is naar buiten gericht want de Kerk dient de evangelisatie van de wereld en niet zichzelf.

In die gemeenschap draagt men zorg voor elkaar en voor mensen in nood: zieken, vluchtelingen, mensen in armoede, jongeren en ouderen die eenzaam zijn. De liturgie en de sacramenten worden er gevierd in de kracht van de Geest: zingend, biddend, lovend en dankend. De verkondiging spreekt er mensen aan van alle leeftijden. De catechese helpt er God vinden en thuiskomen in de geloofsgemeenschap. Kinderen, jongeren en volwassenen krijgen er alle kansen om leerling van Jezus te worden en te groeien in geloof.

Om deze opdracht waar te maken, komt het er ter plaatse vooral op aan dat we, in verbondenheid met de bisschop en de wereldkerk, onze roeping als geloofsgemeenschap en onze zending naar de bredere omgeving herontdekken. Als geloofsgemeenschappen herbronnen in onze levende rooms- katholieke traditie, dan worden ze open en betrokken op de wereld. Wie zich aan Christus hecht, ontdekt de weg naar God en naar de wereld (Joh 14, 6).

De integrale brief kun je lezen op onze website www.kerkinzonnebeke.be samen met de link link: goo.gl/forms/0gQy24KgcXn6XqgJ2 met de mogelijkheid er op te reageren en suggesties te doen. Aan het begin van de Advent verschijnt op basis hiervan een pastorale brief.


Decanaal bezoek
Op donderdag 28 september bisschop Mgr. Lode Aerts een bezoek aan het decanaat Ieper. (Ieper, Langemark-Poelkapelle en Zonnebeke).

Om 16.30 u. bezoekt hij o.a. samen met de burgerlijke overheden de ‘poppytuinen’ in het Passchedaele Memorial Park of Kasteelpark in Zonnebeke.
Om 17.30 u. is er in de kapittelzaal in Ieper bij een kopje koffie een ontmoeting met stuurgroepen, teams, pastorale ploegen allerhande.
Iedereen is van harte welkom om 18.30 u. in de Sint Maarten - Sint Niklaas kathedraal te Ieper voor de eucharistieviering waarin de bisschop ons voorgaan.

Om 19.30 u. zijn er broodjes en drankjes in de Sint-Maartenskring voor de genodigde leden van de kerkfabrieken, catechisten, voorzitters welzijnsschakels, organisten en kosters en iedereen die in de kapittelzaal aanwezig was. (Best inschrijven om logistieke redenen via e-mail: decanaat.ieper@parochies.kerknet.be of telefonisch 057 20 05 96 uiterlijk tegen maandag 25 september)

zondag 11 september 2016

Het Onzevader

Het gebed van de christen


Vanaf 27 november, de eerste zondag van de advent, het begin van het nieuwe kerkelijke jaar, bidden we in Nederland en België, een nieuwe versie van het Onzevader. Om dat wat te faciliteren koos het Bisdom Brugge om rondom dit gebed het nieuwe jaarthema te spinnen. Het gaat dan ook niet alleen om de veranderde tekst, maar ook om houdingen rond bidden en het verder werken aan een gebedscultuur. Het is niet evident om van de oude vertrouwde versie van het Onzevader over te gaan naar de nieuwe vertaling. En het gaat daarbij niet alleen om taalkundige aanpassingen, maar ook inhoudelijke.

Dit is de nieuwe versie van het Onzevader:

Onze Vader, die in de hemel zijt,
uw naam worde geheiligd,
uw rijk kome,
uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren,
en breng ons niet in beproeving
maar verlos ons van het kwade.
Amen.

Om deze tekst vlot ingang te laten vinden, wordt er onder de gelovigen in de kerken en instellingen een mooie kaart uitgegeven met de tekst erop en de zangversie met de muziek erbij. Er werd ook een nieuwe toonzetting gecomponeerd voor het gezongen Onzevader. Je kan die hieronder beluisteren en bekijken.



Het Onzevader is en blijft inhoudelijk een onschatbare inspiratiebron. Het is eigenlijk een ‘korte samenvatting van heel het evangelie' (Tertullianus). In het Nieuwe Testament vinden we het gebed in twee versies: een kortere in het Lucasevangelie (Lc 11,2-4) en een langere in het Matteüsevangelie (Mt 6,9-13). De opbouw van het Onzevader is helder. Na de aanspreektitel vinden we twee gedeelten. Eerst krijgen we drie uw-beden die op God zelf gericht zijn. Het tweede gedeelte bevat een aantal beden die op 'ons' gericht zijn. Marc Steen neemt ons nu mee in het gebed zelf.

‘Onze Vader die in de hemel zijt’.
Zo mogen we God aanspreken. We zijn kind aan huis bij Hem. Zoals Jezus mogen we God 'Abba, Vader' noemen. In de evangeliën neemt Jezus maar liefst 170 maal het woordje 'Vader' in de mond om tot en over God te spreken. Waar het hart van vol is, loopt de mond van over! We mogen aannemen dat Jezus God heel eenvoudig en vrijmoedig aansprak in zijn moedertaal met het Aramese woordje 'Abba', wat 'vake', 'pa' of 'pappie' betekent. Hierin klinkt een enorme intimiteit en een gedurfd, familiaal vertrouwen door, maar tegelijk ook een grenzeloze eerbied. Jezus is de unieke Openbaarder en Icoon van God Vader, die tegelijk als een vader en moeder is. In woord en daad openbaart Hij Hem als een Vader die geborgenheid schenkt en ons tevens uitdaagt tot ge-hoor- zaamheid aan zijn levenswet van radicale liefde. Jezus leert ons God aan te spreken als onze Vader. God is geen Vader voor mij alleen, maar de Vader van alle mensen. Het gebed des Heren is een familiegebed, een gebed in het meervoud dat je verbindt met veel anderen.

‘Die in de hemel zijt’
duidt erop dat de nabije God toch ook steeds de Andere is, ongrijpbaar als de wolken. Het woordje 'hemel' heeft ook iets overkoepelend. God Vader is Degene die alles en allen omvat en overspant, als een regenboog van zorg.

In de uw-beden vragen we dat God zou mogen doorbreken in onze wereld, in ons leven. 
De focus ligt dus op God zelf.

‘Uw Naam worde geheiligd’.
In de Bijbel is een naam nooit zomaar een woord. Je naam, dat ben je zelf. Deze bede is allereerst een vraag aan Gods adres: 'God, wees zoals je Naam het zegt; kom voor de dag zoals Jij heet en bent; maak waar dat Jij bevrijdende aanwezigheid bent, een algoede Vader!' Toch houdt die bede ook een opdracht in. Gods Naam heiligen betekent dat je Gods Naam niet mag misbruiken en niet mag doodzwijgen. Evenzeer is het een oproep om op een positieve manier zijn Naam en dus zijn werkelijkheid te waarderen en hoog te houden. Dat kunnen we doen als we Hem met eerbied gedenken, zoals in de liturgie, en door een levenswandel die iets laat doorschemeren van wie Hij is.

‘Uw Rijk kome’.
Deze bede houdt een groot verlangen in: 'Mocht jouw Rijk toch komen, God. Dat Jij Heer en Koning mag zijn!' Gods Rijk heeft niets te maken met een bepaald land of territorium. Het gaat om ‘God in actie’, zijn koningschap, zijn bevrijdende heerschappij. We vragen dat God zijn goede invloed zou laten gelden. Het koninkrijk van God kunnen we niet zelf bewerken. Het is zijn geschenk. Tegelijk is het een opgave. Gods droom ligt mee in onze handen.

‘Uw wil geschiede op aarde als in de hemel’.
Deze wens is een variant van de twee vorige: dat God zijn goede bedoelingen, zijn heilsplan met ons en zijn schepping, werkelijkheid mag laten worden! Gods wil moet echter niet zomaar worden ondergaan, maar veeleer worden gedaan! In de hemel klinkt reeds een volmondig ja aan Gods liefde. De aarde moet nog volgen.

‘Geef ons heden ons dagelijks brood’.
Die vierde bede geeft een wending aan het Onzevader. Vanaf nu richten we onze aandacht vooral op de aarde en onze menselijke noden. Als we de broodbede met een wereldwijde blik bidden, vragen we God dat ieder mens zou vinden wat hij of zij broodnodig heeft: voedsel en drank, kledij, een dak boven het hoofd, maar ook respect, liefde en waardering. We kunnen deze bede maar eerlijk uitspreken, als we bereid zijn tot delen met anderen.

‘En vergeef ons onze schulden zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren’.
Hier vragen we God om zijn vergeving. Ook dat is broodnodig, want we schieten vaak tekort in de liefde. Gods barmhartigheid is diep als de zee. Wel kunnen we pas eerlijk om Gods vergeving bidden als we bereid zijn om elkaars schulden te vergeven.

‘En breng ons niet in beproeving, maar verlos ons van het kwade’.
De laatste twee beden horen samen. ‘Beproeving’ is meer bijbels dan ‘bekoring’. Het duidt op die gevarenzones in ons leven waardoor we Gods hand dreigen los te laten en van Hem te vervreemden. We vragen dan aan God dat we niet in zo'n situaties zouden komen en dat we nooit zouden afhaken en ontrouw worden aan Hem. De neiging om af te haken en God en anderen de rug toe te keren, kan groot worden. De zuigkracht van het kwaad is verduiveld groot, zowel rondom ons als in ons. We kunnen onszelf niet redden. We hebben Gods verlossende kracht nodig.

Wie het Onzevader authentiek bidt en beleeft, zal meer en meer gaan leven op de golflengte van Jezus en zijn evangelie.

dinsdag 22 september 2015

Jaarthema

Omdat Jij mij kracht geeft!

Je kent ze ook, die mensen. Neem bijvoorbeeld die opa. Als hij naar de bakker fietst, stopt hij drie keer om met iemand een praatje te maken en heeft hij ondertussen naar minstens drie anderen goeiedag gezwaaid. Hij steekt samen met zijn vrouw een handje toe bij de opvang van vluchtelingen en ook de parochie weet hen altijd te vinden als er gewerkt of nagedacht moet worden. Hij loopt er niet mee te koop maar als je het geluk hebt dat in een gesprek ons geloof ter sprake komt, voel je hoe diep het bij hem geworteld is. Wie ze ook zijn … ze zijn er, die mensen, en we vertoeven graag in hun buurt. Daarover gaat het jaarthema 2015-2016. Waar vinden we de kracht om christenen te worden die een aanstekelijke vreugde uitstralen? Die eenvoudig, vriendelijk en dienstbaar met medemensen omgaan. Die vrijmoedig zijn en altijd weer met nieuwe hoop meewerken aan een menswaardiger samenleving. Die ook woorden vinden om van hun geloof te getuigen. Die, kortom op Jezus gelijken.

Oriëntatiefeest 2015: Putten uit de Bron
Gods woord in eigen hart: leven krijgen
Een krachtige en vreugdevolle christen worden is niet mogelijk zonder innerlijk te blijven groeien. Ook veel mensen die geen christen zijn, ontdekken op allerlei manieren hoe belangrijk de zorg voor je binnenkant is. Denk maar aan het succes van bv. mindfulness en allerlei meditatietechnieken of aan het hele aanbod van initiatieven om te onthaasten. Toch is er een verschil. Een christen gaat niet in zijn binnenkamer om met zichzelf bezig te zijn maar om er Iemand te ontmoeten. Iemand die mij tegemoet treedt met een Woord dat alles kan verhelderen wat ik dag in dag uit meemaak en alles wat dat in mij oproept aan gedachten en gevoelens. Bovendien kan dat Woord mij tot rust brengen als de lasten zwaar wegen of net onrustig maken en uitdagen als ik de nood van anderen tot mij laat doordringen. Het kan mij wegen wijzen om een vrijer en gelukkiger mens te worden. Vooral wil het mij altijd opnieuw doen weten dat er Iemand is die mij onvoorwaardelijk blijft beminnen. Innerlijk leven heeft veel te maken met de 'reis van mijn hoofd naar mijn hart'. Christen word je bovendien niet alleen 'met je hoofd in de wolken' en 'het hart op de goede plaats' maar ook 'met de handen uit de mouwen' en 'twee voeten op de grond'. Het is ook goed dat het innerlijke leven gedragen en gevoed wordt door het gebed in gemeenschap en door een steeds diepere beleving van de eucharistie en de sacramenten.

Samen onder Gods woord: leven delen
Ook in een hoogtechnologische en op het individu gerichte samenleving hebben christenen elkaar nodig om hun geloof in al zijn rijkdom, maar ook zijn veeleisendheid te kunnen beleven. Een geloof dat ik in mijn eentje, als een privézaak, beleef, zou wel eens op mijn maat geknipt kunnen zijn maar ver van het evangelie blijven. Door met elkaar of in groep over ons geloof te spreken, helpen we mekaar om geen eenzijdig beeld te koesteren van mens, wereld en God; om niet te verstarren in bepaalde opvattingen. Als we de handen in elkaar slaan en samen nadenken over onze inzet, krijgen we meer mogelijkheden en een langere adem om vol te houden. Gezinsgroepen, buurtgesprekken, Bijbelkringen, basisgroepen, leesgroepen, leerhuizen, … het zijn formules die al vaak hun deugdelijkheid bewezen hebben. En altijd getuigen de deelnemers hoe sterk het samen op weg gaan hen geholpen heeft om hun geloof echt te integreren in hun leven van elke dag, ook en vooral in lastige momenten.

Oriëntatiefeest 2015: Omdat jij mij kracht geeft!
Gods woord in de wereld: leven geven
Jezus vergelijkt de kracht van Gods woord met de werking van een beetje gist in het deeg. Paus Franciscus roept de kerk op om naar buiten te komen. Christen worden doe je niet om die schat voor jezelf te houden. Hoe zou dat trouwens kunnen, vraagt de paus, hoe zou je kunnen wegstoppen dat de vriendschap met Jezus je gelukkig maakt en kracht en inspiratie geeft om je in te zetten? Uiteraard dragen we het evangelie allereerst uit door een bepaalde manier van leven. Maar dat neemt niet weg dat het wellicht de hoogste tijd is, zeker in onze Westerse samenleving, dat christenen ook uitdrukkelijk met woorden de bevrijdende boodschap uitdragen. Alleen … er is niet enkel de terughoudendheid, we weten ook niet goed hoe we dat best doen. Daarom is het zo belangrijk dat we de dialoog aandurven met mensen die ons geloof niet delen en met de samenleving. Dialoog begint altijd met luisteren, open en zonder vooroordeel. Maar de diepste reden daartoe, ligt in ons christelijk geloof zelf: God is bij de mensen aanwezig en het is aan ons om Hem daar te vinden, te benoemen en te dienen. Dat we niet blijven haperen bij de vaststelling van alles wat er om ons heen verkeerd loopt. Het gaat ook niet om een leer en nog minder over onze eigen opvattingen. Af en toe hoor je zeggen dat er voor een authentiek spreken over geloof terug meer ruimte en belangstelling groeit in onze samenleving. Laten we hopen dat dit klopt en er een aanmoediging van God in vermoeden om de vreugde die zijn Woord ons geeft, niet binnen onze kerkgebouwen en onze kring van gelijkgezinden te houden. Het zal erop aankomen creatief naar wegen te zoeken, alert te zijn voor kansen en nieuwe ideeën niet meteen als onrealistisch af te doen. We mogen ons ook afvragen of we alles in stand moeten blijven houden wat ooit werd opgestart? Is het misschien af en toe niet beter een eigen activiteit tussen haken te zetten (want we kunnen niet alles doen) en mee onze schouders te zetten onder een initiatief van anderen? Bij het samenwerken aan een buurtfeest, een protestactie, een solidariteitscampagne, een milieubewust initiatief, enz. kunnen zich kansen aandienen om zonder complexen te vertellen wat ons beweegt.


Die stralende opa en al die mensen in wiens buurt het goed vertoeven is … zo’n christenen willen we allemaal graag worden. Ooit was er een filosoof die zich schamper liet ontvallen: “je moet ze eens bekijken, die christenen die uit hun kerk komen, hoe verlost ze eruit zien!”. Laten we verder stappen zetten om hem meer en meer ongelijk te geven! 

zondag 14 juni 2015

Impulsavond

Omdat Jij mij kracht geeft!



Het afscheid van priester Valeer Cools, als dienstdoende pastoor in Zandvoorde, liet niemand onberoerd. Dat heeft niet alleen met z'n innemende persoon te maken, maar meer dan ooit met het kleiner wordende kader en de moeilijke omstandigheden waarin mensen nu hun geloof nog kunnen beleven. We hebben geen vaste grond meer onder onze voeten. We klampen ons vast aan alles wat nog enigszins overeind blijft. Onze geloofswereld wordt zowel innerlijk als uiterlijk grondig dooreen geschud en deze aardverschuiving is verre van lokaal. Overal zien we hetzelfde gebeuren. Het bezorgt elke rechtgeaarde gelovige – waar ook – kopzorgen. Waar moet dat heen? Een vraag waar iedereen mee zit maar waar geen pasklaar antwoord of een helder stappenplan voor klaarligt. Toch moeten we met deze realiteit op een gelovige manier aan de slag! Er is een uitweg en die heeft alles met het geloof zelf te maken.

Op woensdag 10 juni organiseerde het Bisdom Brugge rond deze problematiek haar jaarlijkse Impulsavond in Centrum Groenhove in Torhout. In het overgangsproces van parochies naar federaties naar pastorale eenheden heeft onze bisschop Mgr Jozef De Kesel er van in het begin de nadruk op gelegd dat het niet alleen gaat om een herstructurering van het parochielandschap maar terzelfder tijd ook om een grondige herbronning. Vragen die hierbij naar boven komen, zijn o.a.: hoe kunnen wij als geloofsgemeenschappen anders dan anders vitaal en missionair blijven? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we niet enkel spreken over structuren en herstructureren ? Of anders gesteld: hoe kunnen we bijbel en geloof een ruimere plaats geven in de manier waarop we beleid voeren? Professor Jacques Haers sj., theoloog en pastor op de Universitaire Parochie in Leuven, ging, zoals het een jezuïet past, met een bijzonder onderscheidingsvermogen in op deze vragen. In ieder geval zijn diepgaande veranderingen een uitgelezen kans tot geloofsverdieping. Enkele samenvattende beschouwingen.



Afdalen om op te stijgen
Of we het nu leuk vinden of niet, of we er akkoord mee gaan of niet, of we daar ideeën over hebben of niet, oorzaken onderkennen of niet ... we ondergaan allemaal willens nillens deze verschuivingen. Er zijn minder of soms geen priesters meer die het voor ons doen, het praktiserende kerkvolk krimpt en vergrijsd, de geloofspraktijk dijt uit in nieuwe vormen los van de vertrouwde (K)-organisaties, de middelen drogen op, de overheid of de privé neemt over en gaat zelf van alles reguleren. Het is niet eenvoudig om je gelovig te herorïenteren als je jarenlang in een bepaalde kerk op een vast uur en op een heel typische, vertrouwde manier door een voorganger bediend bent geweest. We moeten ons geloof in een nieuwe realiteit opnieuw een plaats zien te geven. Het veronderstelt even afstand te kunnen nemen van wat ons bond, zonder ons meteen verloren te moeten voelen, innerlijk vrij te worden, ons te bezinnen, luisteren naar medegelovigen, om dan in alle creativiteit nieuwe verbindingen met dezelfde en andere mensen aan te gaan. Dat geldt niet alleen voor individuen tegenover een gemeenschap maar ook voor groepen die zichzelf overleven binnen die gemeenschap. Bv. een kerkkoor, een groep vormselcatechisten, ... Accordeert, stemt hun werking nog wel overeen met het geheel, hangt het er nog echt mee samen, of ging het er los van een eigen leven leiden? Wat is onze rol, onze verantwoordelijkheid in het veranderende kerklandschap? Federaal, decanaal, diocesaan binnen het bisdom, binnen de Vlaamse kerkprovincie ... de wereldkerk. Elk niveau hangt samen en beïnvloedt elkaar meer dan ooit. Hoe geven we dat gestalte? Daar zijn echter niet meteen eenduidige antwoorden of blauwdrukken voor. Waar vroeger het pad vastlag, wordt de weg nu gaandeweg gemaakt. We komen voortdurend allerlei obstakels tegen die er vroeger niet lagen, de omgeving verandert en de horizon schuift steeds verder op. Het is in wezen geen structureel probleem, iets dat gewoon te managen is ... juist omdat het een geloofsprobleem is. En dat is nu juist niet onze sterkste kant, omdat we ons hier te veel focussen op het vormelijke, het technische aspect of op een formule. Als een activiteit niet aanslaat zoeken we gewoon een ander format terwijl we eigenlijk de voeling met de inhoud (lees de 'Bron' van ons geloof) kwijt zijn. Als alles gaat schuiven, het ons ontglipt, als we heel onzeker worden over de uitkomst van ons engagement, dan hebben we meer dan ooit nood aan vertrouwen en geloof om de chaos te boven te komen. We hebben nood aan herbronning, verdieping om onze kracht terug op te diepen. We glijden sowieso af in een diep dal vooraleer we de heuvel weer oplopen. Er is gewoon geen andere weg!



Handelen vanuit de Drie-ene-God
Essentieel, voor alles, is daarbij het geloof dat God door elk van ons, tot elk van ons iets te zeggen heeft. In iedereen is het woord van God gelovig te beluisteren. Het is de vraag van weleer: “Wat voor goeds kan er nu uit Nazareth komen?” positief beantwoorden. Deze basishouding zal ook ons innerlijk vrij maken om los te komen van wat ons nu tegenhoudt, blokkeert of verlamt en het Woord van God in ons vrijmaken. Even belangrijk is de vraag, wanneer we zo bezig zijn, we in dit alles wel groeien in geloof en liefde, of juist niet? Het gaat niet om ons gelijk of ongelijk. Je kan best gelijk hebben maar je toch troosteloos voelen en dan moet je temporiseren op je weg, wachten want de weg gaan met anderen vraagt tijd. En die moet je nemen om tot goede beslissingen te komen! Dat kan enkel maar door te verbroederen en te verzusteren en het bijbels visioen voor ogen te houden, om schijnbaar eerst onoplosbare problemen toch in die geest aan te pakken om het onmogelijke waar te maken. In vertrouwen geloven dat het kan, goddelijk bezig te zijn. Door het verleden en toekomst in het nu te verzoenen door los te komen van de structuren die ons zijn overgeleverd zonder te gaan zweven. Zo werkt de Vader. Door in concrete situaties liefdevol te handelen met alle moeilijkheden vandien en de gevolgen daarvan niet uit de weg te gaan. Zo werkt de Zoon. Door vanuit een gedeeld leiderschap steeds opnieuw creatieve oplossingen aan te reiken in veranderende omstandigheden. Zo werkt de Geest. Omdat Jij (Vader-Zoon-Geest) mij kracht geeft. Meteen ook het jaarthema voor het volgend werkjaar.