Pagina's

donderdag 26 februari 2015

Water of mijnbouw?

De boer kiest!



In deze bijdrage stellen we de campagne van Broederlijk Delen voor van de veertigdagentijd. We volgen het leven van Marco in Cusco in Peru.

Marco Duerïas Guamani is 25. Hij is geboren in Ccoyani, Peru, een berggemeenschap die leeft op een hoogte van 3980 meter en op 4 uur rijden van Cusco. Hij woont samen met zijn vrouw Elisabeth en zijn zoontje Mark. Marco is een vlotte, optimistische jongeman. Het regenseizoen is net achter de rug en Marco heeft zijn handen vol met de oogst: aardappelen, groenten en graan. Genoeg om in zijn onderhoud te voorzien. Dankzij Cedep Ayllu, een partnerorganisatie van Broederlijk Delen, is water permanent beschikbaar. Zij installeerden irrigatiesystemen, zodat Marco niet afhankelijk is van de regen.

Het water van Marco en zijn gemeenschap wordt echter opnieuw bedreigd. Het gebied waar zij wonen, ligt onder concessie. Mijnbedrijven hebben bij de Peruaanse overheid het recht gekocht om te zoeken naar mineralen en deze vervolgens te ontginnen. De werkelijke ontginning kan maar nadat de gemeenschap, die eigenaar is van de vruchtbare bovengrond, toestemming heeft gegeven. De grote bedrijven oefenen veel druk uit om die toestemming te krijgen.

De nefaste impact van mijnbouw op de landbouw
Ccoyani is tot nog toe nog niet rechtstreeks in contact gekomen met een mijnbedrijf, maar er zijn tekenen dat er wel degelijk iets op til is. Als dat gebeurt, zal er veel veranderen voor Marco. De hele bergketen zal verdwijnen, waardoor de boeren geen grond meer hebben om te bewerken. En als ze hun grond al kunnen behouden, zal de gemeenschap veel van haar water verliezen, want mijnbouw verslindt en vervuilt duizenden liters water.

Welke impact een mijnbedrijf precies kan hebben op de leefomgeving en het leven van Peruaanse boeren, zien we in een ander werkgebied van Broederlijk Delen: Espinar. 33 jaar geleden begon hier het mijnbouwproject Tintaya. Vandaag gaapt er een put van 1 km diep en een oppervlakte van 4 km2. Bijna alle omwonenden trokken noodgedwongen weg, al dan niet gecompenseerd door de mijn. De enkelen die weigerden om hun grond te verlaten, strijden een ongelijke strijd.



Het verhaal van de boerin dona Melchora illustreert dit. Zij woont in een gemeenschap op een steenworp van de kolossale krater, die Tintaya achterliet. Er was drinkbaar water, de dieren waren gezond en de jaarlijkse oogst was mooi. Toen de mijn kwam, was ze optimistisch: het mijnbedrijf beloofde werk, een goed leven, vooruitgang. Dat de realiteit minder rooskleurig was, besefte Melchora zo'n 15 jaar geleden. Beetje bij beetje begon de oogst te dalen. Dieren werden ziek en stierven. Mensen ondergingen hetzelfde lot. Het leven naast Tintaya werd onmogelijk.

Samen sterk tegen de mijn
Dit wil Marco niet. Maar in je eentje neen zeggen tegen een mijnbedrijf is onbegonnen werk. Je moet er samen voor gaan. De gemeenschap heeft eindbeslissing over haar grondgebied. En waar al mijnbouw is, kan een sterke gemeenschap druk zetten op een bedrijf om correct gecompenseerd te worden, milieu- en andere richtlijnen te volgen.

Hier spelen Broederlijk Delen en zijn partnerorganisaties een belangrijke rol in. Zij begeleiden gemeenschappen als Ccoyani, die er bewust voor kiezen hun eigen plannen te realiseren en de lokale ontwikkeling niet te baseren op mijnbouw. Cruciaal hierbij is het correct informeren: over de impact van de mijnbouw, over de rechten van de gemeenschap en hoe die afdwingen, ... De partnerorganisaties informeren de gemeenschappen ook over de alternatieven als ze niet kiezen voor mijnbouw en ze begeleiden hen in het uitbouwen ervan.
Agro-ecologische landbouw is een waardig alternatief. Partnerorganisaties begeleiden boeren bij het in kaart brengen en beschermen van waterbronnen, het (opnieuw) vruchtbaar maken van gronden en het installeren van irrigatiekanalen.

Intimidatie
Ook vrouwen als dona Melchora kunnen rekenen op steun van Broederlijk Delen en zijn partnerorganisaties. Al vele jaren verheft ze haar stem voor een rechtvaardige behandeling en dat wordt haar niet in dank afgenomen. Als intimidatie en bedreigingen niet meer helpen, schuwen mijnbedrijven en overheden de grovere middelen niet. Het gebruik van geweld om protestmarsen te onderdrukken bijvoorbeeld. Ook juridische middelen worden ingeroepen: verdedigers van de rechten van de lokale bevolking krijgen de stempel van terrorist en hun acties worden beschouwd als misdaden. Op die manier kunnen ze officieel worden gearresteerd en gevangen gehouden. Verschillende partnerorganisaties van Broederlijk Delen geven juridische bijstand aan strijdvaardige vrouwen zoals Melchora of voeren strategische rechtszaken om het recht op een schoon milieu gerespecteerd te krijgen.

Info
www.broederlijkdelen.be/doe-mee/campagne-acties


Welzijnsschakel 't Zunnetje

Warmte zonder grenzen


Recent zag Welzijnsschakel ’t Zunnetje het levenslicht! ’t Zunnetje komt in Zonnebeke op voor mensen en gezinnen in armoede en uitsluiting. Concreet proberen de vrijwilligers van ’t Zunnetje een vertrouwensrelatie op te bouwen door mensen thuis te bezoeken en samen te brengen. Op geregelde tijdstippen wordt er samen gekomen om naar elkaars verhaal te luisteren. Iedereen kan en mag zichzelf zijn in ’t Zunnetje. De ploeg speelt in op de verschillende noden door bijeenkomsten te organiseren voor uitwisseling, vorming, ontspanning en nog veel meer! Zo was er op woensdagnamiddag 25 februari in 't Zonnerad in Zonnebeke een eerste gezellig samenzijn. Enkele families en mensen namen de uitnodiging aan. Een ongedwongen ontmoeting met dampende koffie, gekoelde frisdrank en lekkere zefgebakken taarten en cakes.
Bovendien konden ze ook kennismaken met de nieuwe kledijdienst ingericht volgens het principe van de kringloopwinkel. Iedereen kan kledij schenken aan ’t Zunnetje. Mensen die het moeilijk hebben, kunnen dan mits een kleine symbolische vergoeding deze kledij aankopen. 

De kledijdienst van ’t Zunnetje is open iedere tweede en vierde woensdag van de maand van 14.00 tot 18.00 u. in de Werner Lagaezaal van het OC 't Zonnerad te Zonnebeke.

Contactpersoon:
Marie-Jeanne
0473 18 66 98

tzunnetje@gmail.com

woensdag 25 februari 2015

Vasten, hoezo !?


“Doe je dit jaar mee met de vasten?” “Hoezo? We zijn toch geen moslims.” Het kan snel gaan. Een paar decennia geleden moest je de ramadan uitleggen als de vasten van de moslims. Nu is de veertigdagentijd een soort christelijke ramadan geworden. Voor wie het weten wil, zetten we in kort bestek de christelijke vasten even op een rijtje.

Aswoensdag
Na een uitgelaten carnavalsperiode (een zeer lang weekend, tot en met 'Vette Dinsdag') beginnen we eraan. Op Aswoensdag verbrandden we de verdroogde palmtakjes van vorig jaar en die as kregen we in de kerk in de vorm van een kruisje op ons voorhoofd geplant. “Uit stof ben je gemaakt en tot stof keer je terug’ of 'Bekeer u en geloof in het evangelie” klonk het nogal confronterend. Een goed begin van een periode die bedoeld is om stil te staan bij wat echt belangrijk is in het leven.

Dagen zonder ...
Vroeger vulde de katholieke kerk de vastenvoorschriften veel concreter in dan nu. Officieel wordt enkel nog op Aswoensdag en Goede Vrijdag een dag van soberheid in eten en drinken voorgeschreven. Vroeger at men geen vlees of werd er niet gesnoept. Aan het einde van de vasten, met Pasen, at iedereen zich dan bijna te barsten aan chocolade en ander lekkers. Dat is allemaal verwaterd. Maar de laatste tijd duiken er vanuit onverdachte hoek opnieuw 'onthoudingsperiodes' op van allerlei aard: 40 dagen zonder vlees, zonder alcohol of zonder afstandsbediening. Pogingen om de afhankelijkheid van mensen aan iets te doorbreken en er alternatieven voor in de plaats te stellen. Mensen doen er vanuit heel uiteenlopende motieven aan mee. Voor zichzelf: om een nieuwe draai aan hun leven te geven of gewoon om een beetje af te vallen. Voor de wereld: om sociaal-ethische of ecologische redenen. Christenen vinden er soms een nieuwe beleving van hun vastentijd in.



Samen sterk
Een belangrijk element van het succes van deze bewegingen blijkt het groepsgevoel: het is zoveel leuker en meer motiverend om in groep te proberen iets vol te houden. Dat hebben de moslims al lang begrepen. Die vieren elke avond samen het einde van een vastendag. Voor sommige initiatieven kun je online de stand van zaken bijhouden, samen met de anderen van je groepje. Dat helpt zeker om door te zetten. Dat hebben de christenen intussen ook begrepen, bijvoorbeeld op kerknet 2.0.

Zondag
Een verschil met de ramadan van de moslims is dat er in de christelijke vasten elke week een zondag zit. En zondag is voor ons christenen altijd een beetje feest, want op die dag is Jezus opgestaan uit de dood. Dus kan de zondag nooit een vastendag zijn. Op die dag mag je even uitrusten van je inspanningen, mag je alles even loslaten. De christelijke vastenperiode is in totaal langer dan de ramadan, maar door de wekelijkse onderbreking van de zondag, vermijd je dat mensen er fanatiek in worden. De zes zondagen helpen om kramp te vermijden.

Solidariteit
Vanaf het prille begin van het christendom werden vasten en solidariteit in één adem genoemd: wat je uitspaarde, was bestemd voor de armen. Dat is de reden waarom Broederlijk Delen vooral in deze periode in de aandacht komt met talloze projecten in het Zuiden. En het is een sterke overeenkomst met de ramadan: ook daar is er veel aandacht voor mensen in nood.



Terug naar de Bron
De veertigdagentijd is bij christenen ook een tijd om terug te keren naar de bron. Om elke dag een stukje uit de Bijbel te lezen en erbij te bidden, bijvoorbeeld. Dat kun je tegenwoordig ook online doen: de Jezuïeten lanceren een internetretraite 'Eeuwig duurt zijn trouw', waarvoor nu al 7000 mensen zijn ingeschreven. Ook hierin komen we overeen met onze moslimbroeders, voor wie lezen in de Koran in de ramadan ook een extra plaats krijgt.

De laatste week van de veertigdagentijd, de week voor Pasen, heet in christelijke termen de ‘Goede Week’. Het is de week waarin het Laatste Avondmaal en de dood van Jezus op het kruis worden herdacht. Maar zo ver zijn we nog niet. Eerst gaan we vasten.


Zo zette bijvoorbeeld in de Sint-Martinuskerk in Beselare (foto's), een kleine kern van parochianen, geruggesteund door heel wat vormelingen de toon op Aswoensdag met de voorstelling van het project Broederlijk Delen voor Peru, de asviering en aansluitend een Sober Maal. 

In memoriam Paul Dejonghe

Afscheid van een vriend


Het heengaan van priester Paul (70) heeft velen van hoog tot laag geraakt. Dat was te horen en te zien op de uitvaart in de O.-L.-Vrouwekerk op 14 februari te Zonnebeke. Z'n staat van dienst was behoorlijk indrukwekkend. Dat kan je aflezen op de rouwbrief en de gedachtenis. 

Tot priester gewijd op 28 juni 1970 te Wervik Leraar St.-Jozefscollege Tielt van 1970 tot 1981 Mede-pastoor St.-Pietersparochie te leper van 1981 tot 1985 Leraar VTI en VMS te Roeselare van 1985 tot 1991. Diocesaan proost Boerenbond West-Vlaanderen en KVLV van 1991 tot eervol ontslag 2009 Diocesaan proost Boerenbond Oost-Vlaanderen van 2006 tot eervol ontslag 2009. Voorzitter Scholengroep St.-Michiel Roeselare Voorzitter Zorgcentrum St.-Jozef Zonnebeke Ondervoorzitter raad van bestuur ARhus Roeselare Bestuurder VZW CVO Roeselare. Gewezen bestuurslid Vrije Basisschool De Wijzer Zonnebeke Gewezen proost NCMV en CMBV Zonnebeke. Gewezen aalmoezenier van de Sint-Martinus Scoutsgroep van Ieper. 

Het is me wat. En de eerste die zich over dit titanenwerk ten zeerste zou hebben verwonderd zou Paul zelf geweest zijn. In die zin was de eerste lezing op de uitvaart veelzeggend. 'De roeping van Mozes' waar die tot God riposteert: “Maar wie ben ik dat ik dit alles zou doen wat Gij van mij vraagt?” En ja Paul was een gevoelige jongen, die z'n talenten optimaal benutte en vaak inging op wat hem gevraagd werd. Maar ook iemand die z'n grenzen kende en die bovenal de talenten van anderen kon inschatten en waarderen en dikwijls omdat die de zijne te boven gingen. Toch overtrof Paul z'n eigen kunnen vanuit dat goddelijke antwoord van “Ik zal bij je zijn”. Maar belangrijker dan de vraag 'wat' en 'hoeveel' hij gedaan heeft, is 'hoe' hij het gedaan heeft. Z'n grootste – eigenlijk goddelijke gave – was dat hij mettertijd bij mensen het beste naar boven haalde. Niet door op hen in te praten, maar door ze au serieux te nemen, ze op hun gemak te stellen en een eindje met hen mee te gaan. In zijn nabijheid werden mensen bewust van hun kunnen, groeide hun zelfvertrouwen. Paul was helemaal geen machtsmens. Hij verdroeg geen conflicten, ging er niet in mee. Daar was hij te zachtaardig voor. Dat was ook z'n kracht want je besefte meteen dat verharden tijdverlies en een oplossing in de weg stond. Paul drong zich niet op in de plaatselijke parochiepastoraal, nooit ging hij een collega ongevraagd voor de voeten lopen, stond hij niet op z'n strepen maar sprong in nood steeds op als gewaardeerde voorganger van de 'reservenbank'. Bij hem waren geleerdheid, belezenheid en eenvoud niet in tegenspraak. Hij bekommerde zich eerlijk over geloofskwesties, het veranderende kerklandschap, de nood van mensen, dacht daarbij luidop en sprak zijn zorg uit in vele gesprekken. Een pasklaar en afgemeten antwoord had hij niet en wanneer z'n gedachtengang niet vlotte, stuwde hij het vooruit met meer dan één ... 'allez' ... Paul ordende en beheerste graag wat op hem afkwam en gaf niet graag op, bleef zoeken. Z'n fatale ziekte moet dan ook confronterend geweest zijn. Een onrust teweeggebracht hebben waar hij niemand mee tot last wou zijn. Als zoveel mensen om je geven, met wie moet je het dan delen. Onbegonnen werk eigenlijk! 'Onrustig is ons hart tot het rust vindt in God'. Deze uitspraak van Sint-Augustinus vinden we weerspiegeld in de rust van de slapende Jezus op het achtersteven op de boot bij de storm op het meer. Het evangelie dat we hoorden op Paul's uitvaart. Een verhaal dat we maar al te goed kennen maar waarvan de betekenis nu meer dan ooit doordringt. We gunnen jou die rust en we hopen evenzeer dat we ze in geloof bij leven al mogen proeven. Adieu Paul, blij om je gezelschap, je dienstwerk zo nu en dan. Je hoeft je aandacht nu niet meer te verdelen, ze is er voor iedereen die jou in het hart draagt.

Lode Caes.

vrijdag 13 februari 2015

Vrolijke vrienden op weekend


Het idee sluimerde al lang bij de groep vormselcatechisten in Zonnebeke. Als voorbereiding op het Vormsel ook eens op weekend te gaan met de vormelingen. Het biedt naar groepsvorming en verdieping heel wat kansen. Een positieve kerkervaring die beklijft. Het vraagt wel een hele voorbereiding en je moet het ook in de hand kunnen houden. Er zijn ook risico's aan verbonden. Het is vooral een kwestie van er een gedacht van te maken, alle praktische beslommeringen niet te ontzien, van vertrouwen en er voor te gaan. Vrijdag 6 februari was het eindelijk zover.

Om 17.30 u. stromen ze toe aan de kerk, geladen met hun valies, slaapzak en laarzen. De bagage wordt ingeladen op de aanhangwagen en de pastoor nodigt ons om 18.00 u. stipt uit voor een kort bezinningsmoment in de winterkapel. Als bedevaarders trekken we naar bivakhuis 't Lotegat in de Lotegatstraat, bij boer Lode.



Na een deugddoende wandeling staat het avondmaal voor ons klaar: we eten warme hotdogs, met ketchup en mosterd. We ruimen op, doen de vaat en we installeren de slaapkamers. Boer Lode komt ons welkom heten en maakt met ons enkele afspraken. Hij vertelt over zijn boerderij en nodigt alvast de jongens uit om zaterdagmorgen te komen werken: koeien melken, konijnen knuffelen en het eten voor de dieren klaar te maken. We spelen een leuk talentenspel en schrijven op de witte t-shirt (onze naam staat er al op) enkele positieve eigenschappen van onszelf op. We sluiten de dag af met een bezinningsmoment: als 'Vrolijke vrienden' willen we proberen van ons weekend iets leuks te maken: 'Dus, zullen we er samen iets van moeten maken ...'



Zaterdagmorgen zijn de jongens inderdaad op de afspraak voor het werk op de boerderij (ook bij de kleine kalfjes) en na een warm ontbijt begint de voormiddagactiviteit: een quiz. Het groepje dat het meest punten behaalt mag in de vormselviering op de eerste rij plaatsnemen.
Er zijn vragen en opdrachten over 'water, handen, olie, in vuur en vlam staan', aan de hand van enkele bijbelverhalen. Typische symbolen voor het Vormsel, ook wel het sacrament van de Geest genoemd. We zingen enkele vormselliederen en een appel is een lekker tussendoortje. Na het middagmaal (lekkere spaghetti) maken we ons klaar voor het bosspel.
We krijgen een ei (niet gekookt natuurlijk) en een reeks opdrachten, voor een heel parcours in het bos. Benieuwd welke groep het goed doet ... en welke groep aan het einde van het bosspel goed heeft gezorgd voor het ei. Het lukt alle groepjes om het ei weer af te leveren ... proficiat allemaal! We krijgen lekkere warme chocomelk met een wafel en maken de zaal klaar voor een knutselmomenten gezelsschapspelen. De meisjes trekken naar de boerderij, hun beurt om te zien hoe de koeien van boer Lode worden gemolken. En een groepje jongens gaat aan het werk in de keuken: lekkere preisoep maken. We zitten gezellig samen voor het avondmaal (brood met beleg, kaas of vlees, en lekkere verse soep) en na het opruimen en afwassen zingen en we bereiden we de eucharistieviering voor. Wie wil een stukje voorlezen, wie werkt mee aan de offerstoet? En welke liederen zullen we zingen in de viering van zondagmorgen?
Als avondactiviteit zien we een mooie film 'Intouchable', die door de vormelingen gesmaakt en gewaardeerd wordt.



Na het ontbijt van zondagmorgen nemen we afscheid van enkele voetballers en we maken de valiezen, verzamelen materiaal en ruimen de slaapzaal op. Als de aanhangwagen weer is geladen, vertrekken we voor een stevige wandeling door het bos en via het nieuwe wandelpad naar de parochiekerk. We zien in de kerk vele mama's en papa's terug, en we vieren eucharistie. Na de viering verdwijnen alle valiezen, slaapzakken en laarzen uit het protaal van de kerk: iedereen naar huis!

Bedankt, lieve vormelingen, het was leuk en boeiend om met jullie samen te leven. Bedankt, catechisten, voor jouw catechist-zijn, voor jouw bezorgd-zijn, voor de slapeloze uurtjes, voor het gezellig thee-moment in de late avond. Maar we vergeten ook onze partners niet te bedanken: voor het gebruik van de aanhangwagen, voor het klaarmaken van het avondmaal op vrijdag, voor de lekkere spaghetti, voor de wafels en de warme chocomelk, voor de helpende handen. Het is goed geweest.



donderdag 5 februari 2015

Inleefreis Peru

Decanale startavond Broederlijk Delen



De veertigdagentijd is steevast campagnetijd voor Broedelijk Delen. Dit jaar onder de slogan 'Marco is een boer. En wil dat blijven!'. We focussen op het Latijns-Amerikaanse land Peru en zetten ons dus in voor al die 'Marco's en hun families'. De aftrap hiervoor werd gegeven op de decanale startavond op woensdag 4 februari in het auditorium van het Technisch Instituut Heilige Familie te Ieper. Het was een boeiende avond met de voorstelling van de campagnefilm, enkele praktische tips om spaarzaam met water om te gaan, een terugblik en uitwisselingsronde, een drankje en een hapje, ... Heel bijzonder was toch de getuigenis van leerkracht Leen Fiey uit Immalucata Ieper die op initiatief van Broederlijk Delen tijdens de voorbije kerstvakantie samen met enkele leerlingen Fien Loontjens, Rieke Man, Tabitha Glorie, Jesse Dejonghe op inleefreis naar Peru trokken. Na tien maanden voorbereiding is het voor elkvan hen een unieke ervaring geworden. We laten ze graag aan het woord.




Jesse, kan je vertellen wat voor jou het hoogtepunt was in deze inleefreis?
Voor mij bestond de reis eigenlijk stiekem uit 2 hoogtepunten. Het eerste was toch wel dat het mijn eerste vlucht ooit was, dus dat was voor mij al iets speciaals. Het tweede hoogtepunt was het samenleven met het gastgezin gedurende drie dagen. De eerste momenten verliepen wat ongemakkelijk, omdat we hen niet goed begrepen, maar de dagen daarna ging het al heel wat beter. Ook het samenwerken met de mensen was een unieke ervaring. We moesten bijna een uur wandelen voordat we het aardappelveldje bereikten, daarna drie uur heel hard werken en dan een uur terug wandelen. We hebben daar heel veel bijgeleerd in die drie dagen en beseffen dat wij het hier in België wel héél goed hebben.

Tabhita, hoe heb jij de inleefreis ervaren ? Wat zal er je zeker bijblijven ?
Ik vond het een boeiende reis. Net zoals Jesse vond ik het inleefmoment heel speciaal. De laatste dagen van de reis verbleven we in het Don Boscocentrum waar jongeren verblijven in het internaat. Daar hebben we Nieuwjaar gevierd op het dak van het gebouw samen met jongeren en bezoekers van het centrum in de hoofdstad Lima. Het werd een spetterend feest met veel vuurwerk. We zijn er maar vier dagen geweest, maar toch heb ik met enkele jongeren een band opgebouwd en nu nog steeds chat ik met hen via Facebook. Ik vond het enorm interessant om te luisteren naar wat de jongeren al hebben meegemaakt en wat ze nu doen. Het was tof omdat we als een groep onbekende personen opgenomen werden in hun vriendenkring.




Rieke, welk moment heeft je diep geraakt ?
Een van de momenten die mij het meest geraakt heeft, was het bezoek aan Museo de nacion. We bezochten een fototentoonstelling over de burgeroorlog. Er zaten veel verschrikkelijk treurige en enge foto’s tussen met onmenselijke verhalen erbij. Op het einde van de tentoonstelling was er een plek met uitzicht over een deel van de stad Lima. Perfect om even alles te laten bezinken. We hebben daar allemaal zeker een halfuur zitten staren naar buiten. Toch wil ik er ook een tweede noemen. Dit was het verblijf in ons gastgezin. Na een dag gebrekkig communiceren in het Spaans en gebaren vertrouwde ons gastgezin ons al genoeg om hun twee weken oud baby'tje te mogen vasthouden. De gastvrijheid van deze mensen was enorm, ook al hadden ze zelf zo weinig, ze deden er alles aan om ons op ons gemak stellen.

Fien, wat zal er jou bijblijven ?
Ik verbleef met Tabhita samen in een gastgezin. Op zondag gingen we naar de markt, daarna deden we een ritje om wat van de Peruaanse natuur te genieten. We stopten even langs de weg, waar we een kwartiertje van het prachtige uitzicht genoten. Toen we weer vertrokken waren, zagen we dat net na de heuvel - waar nog de pracht van Peru te zien was - een gigantische vuilnisbelt was. Het was even schrikken, maar voor hen leek dat normaal te zijn. Op maandag hebben we de schapen gehoed. We hebben zo'n twee uur door de bergen geklauterd om de perfecte plaats te vinden. Toen we weer naar huis keerden, begon het plots te stormen. Terwijl de anderen de schapen gingen halen, moesten Tabitha en ik Roger volgen, de jongste zoon van het gezin. Met z'n acht levensjaren hadden we het gevoel dat hij zelf niet wist waar hij naartoe moest. Communiceren met hem was ook erg moeilijk, hij sprak geen Spaans, Quechua was zijn moedertaal. Dan hebben we opnieuw zo'n twee uur rondgedwaald, wachtend op de anderen. Toen het bijna donker begon te worden, zakte de moed ons wat in de schoenen. Maar dan doken de anderen met de schapen weer op en konden we eindelijk naar huis vertrekken! Door weer en wind trokken we terug door de bergen. Het was een enorm lastige dag maar achteraf bekeken vond ik het wel een heel leuke ervaring.

Leen, hoe heb jij dit ervaren?
Als begeleider merk je tijdens de inleefreis hoe verschillend iedereen reageert op de ervaringen die ze meemaken. Het bezoeken van de projecten van Broederlijk Delen was ook wel nodig om tijdens het inleefverblijf te merken dat deze projecten zinvol zijn voor de mensen. Ook tijdens mijn inleefverblijf ging ik met de kinderen op stap met drie koeien en een stier om te grazen in een afgelegen weide. We vertrokken om 9.00 u. 's morgens en rond 17.00 u. 's avonds keerden we terug. Tijd genoeg om te genieten van de Andes. Onderweg zagen we ook de aanplantingen van bomen tegen de erosie (een grote bedreiging voor de boeren). Het dorpje waar ik te gast was, heeft reeds te maken met vervuiling van het water door de mijnindustrie. Er stierven vorig jaar reeds 2 mensen door het drinken van vervuild water. Verschillende dieren waren ook reeds gestorven door dezelfde oorzaak. De mensen in het dorp dragen nog steeds hun traditionele kledij. Er zijn heel wat voordelen aan het dragen van een traditionele rok. Deze rok is niet alleen warm, maar beschermt je ook tegen regen en vuil. Je kan ook dingen dragen in je rok. De lokale bevolking heeft mijn hart echt veroverd. Ik bewonder hun creativiteit in het omgaan met allerlei problemen. Nu begint een nieuwe opdracht voor ons allemaal. Wij willen ons inzetten voor de campagne van Broederlijk Delen. Wij kunnen niet zwijgen over wat we meemaakten en hebben gezien in de Andes. De partners van Broederlijk Delen maken echt het verschil voor de lokale bevolking ! Op school zullen we getuigen over onze ervaringen. Er volgt onder andere koffiestop op school en aan de Colruyt te Ieper op 27 februari. Een sober maal op 13 maart en op 3 april lopen 840 leerlingen en leerkrachten voor het Zuiden! Hier in het Noorden liggen we echt wel wakker van het Zuiden …



Onder de indruk spraken alle aanwezigen dit engagement uit.

Ik geloof dat alles met elkaar verbonden is
en dat elke verandering begint bij mezelf.
Ik geloof dat 1+1 drie kan zijn
als iedereen een beetje helpt.
Ik wil me laten raken door de verhalen uit Peru
en reageren vanuit diezelfde rotsvaste overtuiging.
Ik wil mee zorgen voor mens en natuur.
Ik beloof daarom niet meer dan nodig
te nemen van Moeder Aarde
en voortaan bewuster te gaan leven.
Samen maken we het verschil
en doorbreken we de spiraal van altijd meer.
Samen doen we het anders,
om te beginnen ...
40 dagen lang.