Iedereen
beschermd tegen armoede?
België
is een welvaartsstaat, Brussel is de hoofdstad van Europa en
Vlaanderen beschouwt zichzelf als een Europese topregio. Toch treft
Sociaal onrecht treft 1 op 7 mensen in ons land. Meer dan 1,6 miljoen
mensen leven hier in armoede, dat is ongeveer 15% van de bevolking.
Hoe is dat mogelijk? Zijn we dan niet allemaal beschermd door de
sociale zekerheid en andere vormen van bescherming? Blijkbaar niet.
Welzijnszorg
vindt dat iedereen in ons land recht heeft op een goede sociale
bescherming. Dat iedereen gewapend is tegen sociale risico's als
ziekte of werkloosheid. Dat iedereen hulp en ondersteuning krijgt
waar nodig en dat de bestaande dienstverlening ook optimaal
functioneert. Wie arm is, komt in een situatie van 'sociale
onderbescherming terecht'.
Zij kunnen hun sociale grondrechten niet hard maken. Ze vinden de weg
niet naar de bestaande hulpverlening. Ze hebben een inkomen dat
onvoldoende is om rond te komen. Ze hebben problemen om een duurzame
job te bekomen, om hun ziektekosten te betalen, om een goed huis te
vinden, ...
Welzijnszorg
wil met de campagne 'Iedereen beschermd tegen armoede?' naar de kern
van de armoedeproblematiek gaan. Welke oorzaken liggen hier aan de
basis? Waar schiet de hulpverlening tekort? Waar zitten de leemten in
ons beschermingssysteem?
We
kennen in ons land heel wat rechten en tegemoetkomingen. Zo heeft elk
kind recht op kinderbijslag, krijg je fiscale voordelen als je een
lening voor een huis afbetaalt of wordt een groot deel van je
poetshulp met dienstencheques door de overheid betaald. Deze zijn
niet allemaal specifiek gericht op het bestrijden van armoede. Een
aantal van die rechten richten zich specifiek op wie het moeilijk
heeft. De bekendste hangen samen met onze sociale zekerheid, zoals de
werkloosheidsuitkering, invaliditeitsuitkering, pensioen ... Sommige
rechten krijg je automatisch, andere moet je zelf aanvragen of kan je
via je belastingaangifte laten gelden. Maar voor mensen in armoede is
'krijgen waar je recht op hebt' niet zo eenvoudig.
De
oorzaken
hiervan liggen op verschillende vlakken:
-
de regelgeving is ingewikkeld en ambtelijk geformuleerd;
-
om misbruiken te voorkomen worden allerlei drempels ingebouwd zodat
veel mensen die wél rechthebbende zijn hun rechten niet verkrijgen;
-
mensen in armoede hebben vaak niet de administratieve vaardigheden om
zelf op zoek te gaan naar waar ze recht op hebben, om ambtelijke taal
te ontcijferen, om zich door de vele aanvraagformulieren en
documenten heen te worstelen of om de juiste gegevens terug te
vinden;
-
de werkdruk bij de hulpverleners ligt vaak hoog, waardoor ze niet
proactief op zoek gaan naar deze rechten en dat werkt sociale
onderbescherming verder in de hand.

Onze
sociale bescherming is voor een groot deel georganiseerd via de
sociale zekerheid: werkloosheidsverzekering, gezondheidszorg,
kinderbijslag, invaliditeitsverzekering, pensioen ... Samen vormen ze
een grote paraplu die ons moet beschermen tegen onverhoedse sociale
risico's.
De
sociale zekerheid is gebaseerd op een verzekerings- en
solidariteitsmechanisme. Je betaalt bijdragen om, wanneer nodig, zelf
een beroep te kunnen doen op het systeem. Er is ook solidariteit
ingebouwd tussen wie ziek of gezond is, tussen gezinnen met en
gezinnen zonder kinderen, tussen wie werk heeft en wie werkzoekend
is, tussen jong en oud ... Daarnaast zitten er ook mechanismen in
verwerkt die herverdelend werken. Wie meer verdient, moet meer
bijdragen. Zonder sociale zekerheid zouden in België maar liefst 42%
van de mensen in armoede leven. Ons systeem beperkt dit tot 15%. Er
zitten dus nog gaten in de paraplu van de sociale zekerheid.
Wat
is er precies aan de hand?
Bij
ziekte, werkloosheid, invaliditeit, pensioen, ontvang je een
uitkering. De sociale zekerheid – what's in a name – zou juist
een garantie moeten zijn dat je levensstandaard niet onmiddellijk
daalt zodat je niet in armoede belandt. We moeten echter vaststellen
dat bijna alle minimumuitkeringen onder de armoedegrens liggen.
Wanneer je voor langere tijd een beroep moet doen op zo'n uitkering,
is de kans groot dat je inkomen veel te laag is om van te leven. De
tegemoetkoming is ook te laag voor de gemaakte kosten. In de
gezondheidszorg betaalt de sociale zekerheid het grootste deel van de
kostprijs terug aan de patiënten. Toch is dit onvoldoende. Niet
alleen is er een sluipende stijging van de kosten die de patiënt
zelf moet betalen, bovendien is dit erg verschillend en afhankelijk
van de behandeling, de soort zorg en de arts bij wie je terecht kan.
Dit zorgt voor onzekerheid, betalingsproblemen en uitstel van
noodzakelijke zorgen.
De
sociale zekerheid is een verzekeringssysteem. Dat betekent ook dat je
niet altijd rechten hebt binnen de sociale zekerheid. Zo moet je
bijvoorbeeld om een werkloosheidsuitkering te ontvangen eerst
gedurende een periode gewerkt en bijgedragen hebben. Voor wie uit de
sociale zekerheid of onderdelen ervan tuimelt, is er het vangnet van
de sociale bijstand. Bekendste voorbeelden hiervan zijn het leefloon
of de inkomensgarantie voor ouderen. Om recht te hebben op sociale
bijstand moet je niet bijgedragen hebben, vaak zijn er wel andere
voorwaarden aan gekoppeld zoals een inkomensonderzoek of de
bereidheid tot werk via een begeleidingstraject.
We
zien in de sociale bijstand dezelfde problemen opduiken als in de
sociale zekerheid. De inkomensbescherming is ondermaats, van een
leefloon kan je niet leven. Het leefloon voor een alleenstaande
bedroeg in januari 2013 75% van de armoedegrens en slechts 64% in het
geval van een koppel met twee kinderen. De inkomensgarantie voor een
oudere alleenstaande bedraagt 93% van de armoedegrens en 83% voor een
koppel. Voor andere tegemoetkomingen, aanvullende steun, moet je
hopen dat er in jouw gemeente een tegemoetkoming bestaat en dat men
ingaat op jouw vraag. Dit gaat niet over luxe-uitgaven maar
bijvoorbeeld over kosten voor gezondheidszorg, onderwijs, huisvesting
...
Mensen
in armoede zitten bovendien vaak met schulden. Meestal kunnen ze niet
anders dan schulden maken omdat hun inkomen veel te laag is om te
voorzien in de meest elementaire noden. Het gaat om een
schuldenprobleem dat zich steeds verder ophoopt en waardoor mensen
nog dieper in de problemen komen. Schulden vermijden kan enkel door
mensen een menswaardig inkomen te geven en waar nodig begeleiding om
het huishoudbudget te beheren. Het loopt echter fout op beide
vlakken. Zo kunnen mensen hun rechten niet laten gelden en geraken ze
alle controle over hun leven kwijt.
Toch blijkt de paraplu van onze sociale bescherming lek. Welzijnszorg wil dat iedereen beschermd is tegen armoede.
Wij vragen daarom:
1. Een inkomen boven de armoedegrens voor iedereen
Meer
dan 1,6 miljoen mensen in ons land moeten rondkomen met een inkomen
dat onder de Europese armoedegrens ligt. Dat is onmogelijk:
volwaardig participeren aan de maatschappij lukt niet. Alle
uitkeringen en vervangingsinkomens moeten worden opgetrokken tot
minimaal de armoedegrens. De uitkeringen moeten voor elk gezinstype
boven de armoedegrens uitstijgen zowel voor een alleenstaande, als
een gezinshoofd en samenwonenden.
1
op 5 mensen in armoede werkt voltijds of deeltijds. Deze werkende
armen, werknemers en zelfstandigen, moeten ook rondkomen met een
inkomen onder de armoedegrens. Het minimumloon moet voor iedereen
hoog genoeg zijn om uit de armoede te blijven of te geraken.
Bovendien moet het werken ook financieel belonen. Vaak zijn werkende
armen ook het slachtoffer van korte, onzekere contracten en weinig
kwalitatieve jobs.
Er
bestaan heel wat aanvullende rechten en tegemoetkomingen voor mensen
met een laag inkomen en/of hoge kosten. Al te vaak blijven deze
mensen verstoken van die rechten. Ze slagen er niet in om al hun
rechten uit te putten. We moeten mensen geven waar ze recht op hebben
door zo veel mogelijk rechten automatisch toe te kennen waar
mogelijk.
Federaal
moet er prioriteit worden gegeven aan de automatische toekenning van
de verhoogde tegemoetkoming omdat dit statuut de toegangspoort is tot
verschillende rechten. Jaarlijks moet de federale overheid de
automatische toekenning van drie rechten realiseren.
Ook
de Vlaamse regering moet jaarlijks de automatische toekenning van
drie rechten kunnen realiseren op basis van een lijst van 15 sociale
rechten die in de legislatuur 2009-2014 werd opgesteld. Het is
volstrekt haalbaar om deze 15 sociale rechten de komende legislatuur
te realiseren.
ledereen
heeft nood aan een kwaliteitsvolle dienstverlening, zeker mensen in
armoede. Maatschappelijk werkers op het OCMW moeten vaak heel
complexe dossiers behandelen. Ook verwachten cliënt en samenleving
dat hulpverleners mensen opnieuw kansen geven in de maatschappij: dit
is dé doelstelling van de hulpverlening. Dat kan alleen lukken als
het op een kwaliteitsvolle manier gebeurt. Daarom moeten alle
diensten bij de overheid, in de hulpverlening, vakbond, mutualiteit
... aan kwetsbare groepen garanderen dat ze al hun rechten kunnen
uitoefenen.










